In onze 2Doc: Tegenwind zien we hoe het protest van burgers tegen een windmolenpark steeds verder uit de hand loopt. Hoe kunnen we als land verduurzamen zonder dat mensen in het harnas worden gejaagd?

In de Veenkoloniën in Groningen en Drenthe kwamen bewoners met steeds extremere acties tegen de komst van een windmolenpark in protest. In de wijk IJburg in Amsterdam protesteerden bewoners op allerlei manier tegen de bouw van windmolens. Ook in Borne gingen mensen de straat op om de windmolenplannen te stoppen.

Het moge duidelijk zijn: windmolens worden niet altijd even goed ontvangen door omwonenden. Toch zullen we in Nederland moeten gaan verduurzamen en windmolens kunnen hier een grote rol bij spelen. Om erachter te komen hoe we de benodigde energietransitie op een goede manier kunnen maken, spraken we met omgevingspsycholoog Goda Perlaviciute. Zij doet vanuit de Rijksuniversiteit Groningen onderzoek naar welke factoren voor mensen een rol spelen in de acceptatie van nieuwe energiebronnen.

Mensen gaan in protest tegen windmolenparken, maar aan de andere kant willen ze wel duurzame energie. Is dat niet een egoïstische instelling?

“We zien die not in my backyard-gedachte inderdaad vaker: we vinden allemaal dat we meer duurzame energie moeten produceren, maar als er daadwerkelijk projecten worden geopperd, ontstaat er weerstand.

Maar wat ik niet helemaal vind kloppen, is de aanname dat deze mensen egoïstisch zijn en de energietransitie alleen maar willen als het maar niet bij hen in de buurt is. Dat wordt soms zo geïmpliceerd. Maar vaak vind ik het niet gek dat mensen die windmolenparken niet willen. Ze hebben er grote zorgen over.

Soms zijn dat persoonlijke zorgen, bijvoorbeeld over wat het betekent voor de waarde van je huis en voor je woonplezier. Maar vaak gaat het ook over zorgen over de regio in het algemeen. Wat zo’n park doet met het imago van een gebied, en of het geen schadelijke gevolgen heeft voor de natuur. Dat zijn wat mij betreft geen gekke zorgen.”

Wat moet er veranderen in het proces van het aanleggen van een windmolenpark, waardoor het op minder weerstand hoeft te stuiten?

“Er is natuurlijk niet één oplossing. Maar wat wel een belangrijke rol kan spelen, is de mate waarin mensen zelf invloed kunnen uitoefenen op een project.

Het komt nu nog vaak voor dat een project al helemaal is uitgedacht. Mensen worden alleen nog voor een informatieavond uitgenodigd waar wordt uitgelegd hoeveel windturbines er komen en waar. Zo’n top-down benadering zorgt ervoor dat mensen zich buitengesloten voelen bij het besluitvormingsproces. Ook studies uit andere landen laten zien dat een besluit opleggen vanaf bovenaf weerstand op kan roepen.”

Dus als je mensen er eerder bij betrekt, zullen mensen de windmolens wel accepteren?

“Nee, het is geen garantie dat dat zal leiden tot acceptatie. Het zou ook kunnen dat de initiatiefnemer en de omwonenden samen beslissen dat het überhaupt geen goed idee was om in die buurt een park aan te leggen.

Maar de kans is een stuk groter dat het fout gaat als een project al helemaal is voorbedacht en het daarna verkocht moet worden aan de bewoners. Mensen hebben dan geen ruimte meer om invloed uit te oefenen en bijvoorbeeld mee te beslissen over de grootte van de windturbines en de exacte locatie. En als die ruimte voor invloed er niet is, dan wordt het gevoelig.”

Wat kan er nog meer gedaan worden om voor meer acceptatie te zorgen, naast de burger eerder bij het proces betrekken?

“Het is ook belangrijk om stil te staan bij de risicoperceptie van mensen als je de weerstand tegen energietransitie wil verlagen, zo weten we uit onderzoek. Als mensen grote risico’s zien van de windmolens, bijvoorbeeld omdat ze bang zijn voor geluidsoverlast of dat de molens het uitzicht gaan verpesten, is de weerstand vaak groter.

Om voor meer acceptatie te zorgen, zullen projectontwikkelaars goed met deze zorgen moeten omgaan. Dat is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan, maar het is wel een belangrijke taak. Wanneer deze risico’s weg worden genomen, of gecompenseerd, zal dat een hoop zorgen en daarmee weerstand wegnemen.”

Zijn er nu ook al projecten in Nederland waarbij met meer burgerparticipatie en aandacht voor risico’s wordt gewerkt?

“Ik ben nu betrokken bij een participatieproces rond windturbines in het oosten en westen van Groningen. Mensen werden daar vroeg bij betrokken en er werd samen nagedacht over wat voor kosten-en batenverdeling er mogelijk zou zijn.

Daarnaast zijn natuurorganisaties continu bij het proces betrokken en risico’s met hen besproken. Of je de turbines uit kan zetten op bepaalde tijden bijvoorbeeld, zodat vogels niet in de wieken vliegen. Door deze afwegingen te maken, kan rekening gehouden worden met de zorgen die mensen hebben en zo ook met de acceptatiegraad van de omwonenden.”

En zijn alle bewoners daar nu tevreden?

“Nee, er blijft nog steeds weerstand.”

Is die weerstand ooit helemaal weg te nemen?

“Persoonlijk denk ik dat het niet reëel is dat iedereen vóór een besluit is.”

Moet dan vooraf bepaald worden hoe hoog het percentage voorstanders moet zijn om een project door te kunnen zetten?

“Dat vind ik altijd een beetje een gevaarlijke manier van beslissingen maken. Als 51 procent van de mensen voor een besluit is, ga je het plan dan doorzetten?

Ik denk dat het belangrijker is om te vragen waarom mensen tegen zijn. Wat zijn hun grootste zorgen? En in hoeverre kunnen die worden weggenomen? Als een ontwikkelaar mensen naar aanleiding van deze vragen tegemoet komt en laat zien dat hij serieus omgaat met de lokale belangen, dan kan het vertrouwen groter worden. Als je alleen maar naar de percentages kijkt, biedt het ook geen optie om verder na te denken over welke mogelijkheden er nog wél zijn.”

Er is natuurlijk ook veel druk om de energietransitie snel te laten lopen, waardoor betrokken partijen misschien denken: er is geen tijd voor uitgebreide publieksparticipatie.

“Ja, dat is bij klimaatmaatregelen lastig natuurlijk, want hoelang kunnen we nog wachten? Maar door de participatie goed te laten verlopen en de weerstand te verminderen, kan je later ook weer kosten en tijd besparen.”

Voor burgers zal de urgentie van het klimaatprobleem waarschijnlijk ook voor meer acceptatie zorgen.

“Dat klopt. Wij zien dat er vier verschillende waardes zijn die mensen belangrijk vinden en die de acceptatie van energieprojecten beïnvloeden. De eerste zijn biosferische waarden, dus in hoeverre mensen het milieu belangrijk vinden. De tweede zijn altruïstische waarden. Dat houdt in dat mensen het welzijn van anderen, van de maatschappij en toekomstige generaties belangrijk vinden. De derde zijn egoïstische waarden, die hebben we net al even besproken, en gaan over wat voor iemand persoonlijk belangrijk is, bijvoorbeeld de waarde van zijn of haar huis. En tot slot zijn er de hedonische waarden: mensen willen plezierig en comfortabel wonen.

Mensen vinden deze vier waarden allemaal min of meer belangrijk, maar er zijn verschillen in hoe ze die waarden prioriteren. Voor sommige zijn milieuwaarden erg belangrijk, en egoïstische wat minder en bij anderen weer andersom.

Ons idee is dat al deze waarden besproken moeten worden bij het uitvoeren van een energieproject. Dus we kunnen niet alleen maar blijven zeggen: ‘Het is goed voor het milieu, dus we moeten de windmolens plaatsen.’ We moeten ook rekening houden met wat voor invloed een project heeft op de egoïstische en hedonische waarden van mensen.

En andersom betekent het ook dat we niet alleen maar kunnen blijven focussen op dat een project betaalbaar moet zijn. Dat is namelijk één waarde, maar tegelijkertijd spelen waardes als dat mensen het milieu belangrijk vinden en voor toekomstige generaties willen zorgen ook mee. Als al deze waarden in de besluitvorming worden meegenomen, hebben mensen minder snel het gevoel dat ze vergeten worden of dat er niet naar hen wordt geluisterd. Dat kan dus de acceptatie van energieprojecten vergroten.”

Kijk alle programma's in de klimaatweek

Tegenwind - Het Verdriet van de Veenkoloniën wordt op zondag 31 oktober om 20:20 uur uitgezonden op NPO 2. In dezelfde week is ook De Grote Klimaatkwis te zien, op donderdag 28 oktober om 21:30 op NPO 1. En op zondag praat Coen Verbraak in De Publieke Tribune over hoe we het in Nederland droog houden, om 23:00 uur op NPO 2.