Gisteren lunchte ik met iemand met wie ik bevriend ben geraakt sinds mijn onzekere eerste stappen in de wereld van het theater, ruim twee jaar geleden. Hij leeft van het theater, ik ben slechts een min of meer toevallige passant, maar we vonden dat we elkaars steun wel even konden gebruiken nu we vorige week te horen hadden gekregen dat ons volgende gezamenlijke project in het theater in het laatste kwartaal van dit jaar niet doorgaat.

De mosterdsoep was nog niet op, of we waren enorm aan het somberen en tijdens de garnalenragout in bladerdeeg - lekker eten is hoe dan ook het devies, zolang Bruin het financieel nog kan trekken - was er geen houden meer aan. Een korte samenvatting van onze klaagzang: De theaters gingen als eerste dicht en zullen als laatste opengaan. Als ze weer opengaan. Want de aanstaande anderhalve metersamenleving zal iedere bedrijfsvoering onmogelijk maken (in een sector die toch al moeite had het hoofd boven water te houden sinds de eliminatiepogingen van toenmalig staatssecretaris Zijlstra).

De vrije producenten, die voor 70 procent van het aanbod verantwoordelijk zijn en bij wie ook onze productie onderdak had gevonden, zijn financieel op sterven na dood door de plotselinge lockdown, waardoor de voorstellingen die al in productie waren en waarin al tonnen waren geïnvesteerd, werden afgelast. Die 300 miljoen extra, die de staatssecretaris in het vooruitzicht heeft gesteld? Een fooi. En bovendien gaan die vooral naar de musea, orkesten, gezelschappen en organisaties die al rijkssubsidie kregen.

Wat doet de Corona-crisis met ons denken?
'Het filosofisch kwintet' van Human is er in normale tijden voor reflectie nadat het stof is neergedaald. Maar het zijn geen normale tijden en daarom proberen presentator Clairy Polak en denker des vaderlands Daan Roovers beurtelings de coronacrisis in dagboekvorm te duiden. Persoonlijk, verdiepend en met het immer urgente motto dat doorgronden belangrijker is dan het twistgesprek.

Clairy Polak in de voorstelling 'Terror'

Kunst biedt perspectief

Afijn, bij de koffie waren we aan het foeteren dat kunst, in het zeldzame geval dat ze al op waarde wordt geschat, ook nog eens voornamelijk besproken wordt in termen van haar – overigens niet geringe – economische waarde. Dat het juist veel meer ook over dat andere waardevolle aspect zou moeten gaan: het vermogen van kunstenaars om te reflecteren en te reageren op een grote crisis als deze. Om perspectief te bieden. Hoop. Troost. Een frisse blik op de toekomst. Om de samenleving te ontregelen en uit te dagen, om de contouren te kunnen schetsen van een nieuw begin. Kunst opent het gezicht op een andere wereld, op wegen buiten de gebaande paden.

Daar werden we plotseling heel vrolijk van. En zelfs een beetje optimistisch. Eén ding staat vast: somberen in tijden van corona is in ieder geval geen kunst.