De conclusie na de tweede online Inspiratiesessie van De Wasstraat van HUMAN in Utrecht over het aan het werk helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt is een hoopgevende: het hoeft helemaal niet zo moeilijk te zijn. "Over een paar jaar praten we over afstand tot de arbeidsmarkt net zo als nu over duurzaamheid: het is volstrekt normaal dat iedereen meedoet."

Prachtig moment tijdens de tweede Inspiratiesessie (een online-meeting als follow up van de succesvolle tv-serie De Wasstraat), om werkgevers te inspireren om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Kim Rayan werkt bij De Koekfabriek. Die is opgezet door Jeannot Nijpjes en Arthur de Nerée en heeft als doel om mensen met een beperking een volwaardige baan te geven.

Jaren zat Rayan thuis. Ze was tienermoeder, zat in de bijstand en haar zoon had een flinke rugzak. Werken lukte haar niet. Tot ze aan de slag kon bij De Koekfabriek. Rayan: "Hulpverleners snapten me niet. Ik had geen rugzak, maar mijn zoon wel. Ik kon niet aan het werk vanwege de thuissituatie en daardoor kreeg ook ik eigenlijk een beperking. Mijn zoons beperking werd mijn beperking. Mensen en instanties snappen dat niet. Maar door mijn werk bij De Koekfabriek durf ik te stellen dat ik voor mijn zoon een veel betere moeder ben geworden."

Ontroering aan de tafel bij de gesprekspartners van de inspiratiesessie. Dit is waarom werken met mensen met een vermeende afstand tot de arbeidsmarkt zo mooi maakt. Mensen een volwaardig leven teruggeven. Wasstraat-eigenaar Martin Kniest: "Ik krijg kippenvel als ik hoor dat Kim zegt een betere moeder te zijn geworden door betaald werk. Dat geeft als werkgever zoveel voldoening."

Het is ook de missie van deze Inspiratiesessies. Werkgevers oproepen om iets te doen voor deze toch lastige doelgroep. "Moeilijk hoeft dat niet te zijn," zegt Nancy van der Vin van Rosa Novum uit Veenendaal, een bedrijf in groenonderhoud met vijftig mensen in dienst met een ‘beperking’. Van der Vin: "Deze doelgroep is 700.000 mensen groot in Nederland. Zo groot is ook het aantal mkb'ers. Als iedereen één persoon onder de arm neemt, ben je van het probleem af."

Van stigmatiserende stempel af

Aan het begin van de sessie had Arthur de Nerée van De Koekfabriek al uitgelegd hoe hij geniet van het werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. "Einstein en Mozart waren ook autisten. Het gaat erom dat je talenten van iemand ontdekt."

De Nerée bevestigt wat Van der Vin stelt. "Bedrijven als Shell kunnen dit vraagstuk alleen niet oplossen. Het is veel efficiënter om dat als mkb-bedrijven samen te doen." Hij ziet ook wel dat het rendement van zijn onderneming misschien iets lager is, maar nog altijd winstgevend.

"Ja, het is makkelijker in te schatten wat iemand die een been mis kan, versus iemand die een geestelijke beperking heeft," zegt De Nerée. "Maar het is een misvatting dat we heel veel tijd meer aan begeleiding kwijt zijn. Elke medewerker, afstand of niet, heeft begeleiding nodig."

Een fragment uit onze serie De Wasstraat maakt tijdens de Inspiratiesessie indruk. Wasstraat-medewerker Vincent stelt dat "iedereen wel een beperking heeft. Wij komen er ook wel, alleen duurt het wat langer." De online stelling waarop kijkers konden reageren tijdens de Inspiratiesessie luidde, of mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te weinig respect krijgen, wordt volmondig met “ja” beantwoord. "Bemoedigend," zegt De Nerée. "We moeten van dat stigmatiserende stempel af."

Geen verkeerde voordeur

Maar is het sociaal domein voor ondernemers allemaal niet veel te ingewikkeld, vragen de deelnemers aan de sessie zich af? Zijn er niet veel te veel regels en loketten? Dat wordt door de gesprekspartners aan tafel zeker niet onderkend. Van begrippen als loonkostendispensatie en loondispensatie schrikken veel ondernemers terug. En de ene gemeente heeft weer andere regels dan de andere.

Toch is het veel koudwatervrees, is de conclusie aan tafel. Wethouder Linda Voortman van de gemeente Utrecht: "Ja, we hebben als overheid diverse loketten. Maar de truc is dat je als werkgever bij elk loket goed zit. Dat er geen verkeerde voordeur is en dat je altijd goed geholpen wordt. We moeten werkgevers en werknemers bij de hand nemen, onafhankelijk bij welk loket ze zich melden. Tuurlijk is daar nog wel wat te winnen, maar dat is wel onze intentie. Zo maken we het ondernemers makkelijk."

Samantha Beaufort, manager Werkgeversdienstverlening bij het UWV in Utrecht wijst daarbij op de werkgeversservicepunten die er in Nederland zijn. Dat is een samenwerking tussen gemeenten, UWV, onderwijsinstellingen, kenniscentra en andere partijen. Beaufort: "Zo kunnen we werkgevers ontzorgen. Het is een bewustwording dat we een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid hebben."

"Het is inderdaad belangrijk dat een werkgever geen last hebben van allerlei regels," vult Voortman aan. "Anders raakt-ie ontmoedigd." Gerhard ten Hove van de Biga Groep (werkvoorziening, bemiddeling en reïntegratie) onderstreept dat één aanspreekpunt voor ondernemers belangrijk is. "Een ondernemer mag er geen last van hebben dat regels in de ene gemeente anders zijn dan in een andere gemeente."

En over mensen met een afstand zegt Ten Hove: "Je moet mensen kennen om te weten wat ze kunnen. Je moet de mogelijkheden en onmogelijkheden goed in beeld hebben." De online stelling dat er voor werkgevers een oerwoud aan regels is, wordt volmondig beaamd. Toch zegt Ten Hove: "Ik denk dat er echt veel koudwatervrees is. Er kan heel veel, en als je je er even in verdiept is het niet zo ingewikkeld."

Martin Kniest wil van Beaufort weten of een accountmanager bij het UWV wel tijd heeft met twee- of driehonderd mensen in de kaartenbak om te bemiddelen en te begeleiden. Kan die accountmanager wel aandacht geven aan de werkgever? Beaufort denkt van wel. "We hebben bij het UWV adviseurs die er alleen voor de werkgever zijn, die hoeven geen mensen te plaatsen. Dat zijn gescheiden trajecten. We hebben echt tijd voor de werkgever."

Ze roept werkgevers op om het werkgeversservicepunt vooral te bellen voor hulp. Voortman gelooft niet dat het samenvoegen van loonkostensubsidie en loondispensatie het sociaal domein makkelijker maakt. "Dan is er wel een andere knellende regeling. We moeten gewoon zorgen dat iedereen bij elk loket, bij elke voordeur, goed geholpen wordt."

Voortman komt ook nog even terug op Kim Rayan van De Koekfabriek. "Wat een stralende vrouw. Geweldig om te zien wat werk kan doen." Kniest waarschuwt nog: "Veel werkgevers hebben verkeerde verwachtingen. Dan hebben ze een medewerker met vijftig procent loonkostensubsidie, maar verwachten wel honderd procent productie. Zo werkt dat niet. Je moet wel realistisch zijn.

"Tegelijkertijd zeg ik ook: als je een goede 'afstander' in je bedrijf hebt, kun je geen betere werknemer hebben." Gerhard ten Hove benadrukt op zijn beurt dat afstand een tijdelijk begrip is. Althans dat hoopt hij. "Ik denk echt dat we over een aantal jaren net zo over afstand op de arbeidsmarkt praten als over duurzaamheid: het is een gewoon onderdeel van onze maatschappij geworden."

Vertrouw werkgevers

Het slotakkoord van deze Utrechtse Inspiratiesessie is voor Nancy van der Vin, directeur van Rosa Novum, en voor Jeroen van de Merwe, medewerker bij dit hoveniersbedrijf. Hij is een mooi voorbeeld van iemand met afstand tot de arbeidsmarkt, die zich door scholing prima ontwikkeld heeft en inmiddels onderhoud doet van groenmachines.

Wat is voor hem belangrijk om te kunnen functioneren, vraagt Martin Kniest. Van de Merwe: "Een goede sfeer, respect en een luisterend oor. En ruimte voor iedereen om talenten te ontwikkelen." Nancy haakt daarop in. "De blinde cabaretier en schrijver Vincent Bijlo zei het mooi: 'Ik zie mezelf niet als iemand met een handicap maar als iemand met een praktisch probleem. Dat probleem moet ik te lijf gaan om mee te kunnen doen in de maatschappij.' Als Rosa Novum zijn we er om die praktische problemen weg te nemen. En echt, dat kost niet veel moeite."

Al maakt ze wel een kanttekening. "Soms word ik er wel verdrietig van om zoveel instanties rondom een medewerker te zien. De ene waarschuwt voor te veel en te zwaar werk, de ander vindt het te moeilijk. Als iemand echt zorg nodig heeft, zien wij dat wel en roepen we hulp in. Maar veel regelen we zelf. Het begin vaak gewoon met vragen aan iemand met een afstand: wat wil jij nu eigenlijk? Laten we daar wat vaker mee beginnen."

Kniest kan het alleen maar beamen: "Mijn ervaring is dat mensen alles voor je doen, als je ze maar aandacht geeft. Ze zijn bijna nooit ziek bijvoorbeeld." Van der Vin onderstreept dat met cijfers. "Ons verzuim ligt onder de vijf procent terwijl we vooral werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Bij sociale werkvoorziening is dat landelijk dertien procent.

"Hulpverleners hebben het vaak het beste voor met mensen. Echt. Maar soms moet je als werkgever ook je eigen rol claimen en zelf een gezonde werknemer-werkgever relatie opbouwen. Mensen voelen zich dan ook het meest gewaardeerd. Schakel alleen professionele hulp in als het niet anders kan. Maar zelfs met iemand met multiproblematiek kun je misschien het beste eerst eens aan de moeder van zo’n persoon vragen wat de beste oplossing is."

Sociaal hart

Toch snapt Kniest dat werkgevers terughoudend kunnen zijn om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Omdat het te veel tijd en begeleiding vergt. "Maar in elk bedrijf loopt wel iemand met een sociaal hart. Laat zo iemand dan die taak op zich nemen." Zo heeft Rosa Novum subsidies nodig om rond te komen.

Van der Vin: "Je kunt niet van ons verwachten dat we iemand met dertig procent arbeidsvermogen honderd procent rendabel laten werken. Maar dat wil niet zeggen dat we personeel goedkoper aan kunnen bieden. Afgezet tegen alle begeleiding en minder productief zijn, zijn we gewoon concurrerend met andere hoveniers. Het uurtarief ligt lager, maar ze doen er ook langer over. Maar inmiddels zijn we wel een van de grote spelers in de regio."

Mooi voorbeeld van hoe je als bedrijf met mensen in dienst die een afstand tot de arbeidsmarkt hebben, toch gewoon commercieel kunt opereren. Kennelijk zien ook steeds meer ondernemers dat mensen met een afstand geen belemmering hoeven te zijn.

De laatste stelling tijdens de inspiratiesessie levert een verrassende uitslag op. Slechts 38 procent van de stemmers denkt dat de doelgroep ‘afstand’ veel meer tijd en energie kost. 62 procent denkt dat meevalt. Kniest vindt het een mooi getal, maar ambitieus als hij is zegt hij: "Mooie uitdaging om die 38 procent nog naar beneden te krijgen." Totdat afstand net zo gewoon is als we nu over duurzaamheid praten. "Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt verrijken niet alleen de ondernemer, maar de hele maatschappij." Van der Vin: "En met een beetje extra moeite moet dat gewoon lukken. Het hoeft echt niet zo moeilijk te zijn."

Dit zijn de succesverhalen die deze avond aanschoven: Koekfabriek en Rosa Novum.