Vergroenen of verdwijnen: hoe lang kunnen we de fossiele industrie nog in leven houden?

‘De klimaatcrisis is een crisis van cultuur en dus van de verbeelding'

Kijkwijzer: alle leeftijden

‘Waarom stoppen we niet gewoon met die fossiele subsidies?’ vraagt presentator Jeroen Smit aan econoom Karen Maas in onze aflevering van vanavond. Ze zijn in de Rotterdamse haven waar een deel van de Nederlandse basisindustrie is gevestigd. Fabrieken die onder meer staal, beton en plastics produceren. Het zijn ook fabrieken die de noodklok hebben geluid omdat het slecht gaat met ze, terwijl ze flinke belastingvoordelen en -kortingen krijgen op het grootschalige gebruik van fossiele energie. Precies de energiebronnen waar we juist vanaf willen, als we grote stappen willen zetten richting vergroening.

'We stoppen niet, omdat we heel graag dat wat er is in stand willen houden,’ antwoordt Karen. ‘Werkgelegenheid verdwijnt, onze mooie industrie verdwijnt en dat doet pijn.’ Het illustreert hoe we op dit moment nadenken over de klimaatcrisis. Op korte termijn pleisters plakken in plaats van investeren in de lange termijn. 

‘De klimaatcrisis is een crisis van cultuur en dus van de verbeelding,’ schreef romanschrijver Amitov Ghosh in 2016 al in zijn essay The Great Derangement. Het is bijna niet voor te stellen dat onze (klein)kinderen in een drastisch andere wereld leven dan de onze. Dus is het bijna niet voor te stellen welke impact beslissingen hebben die we nu (niet) nemen. 

Wat we ons wel kunnen voorstellen, is wat er op korte termijn kan gebeuren. Fabrieken in Nederland dreigen om te vallen zonder fossiele subsidies, zegt de industrie. Straks worden we afhankelijk van Azië voor het aanleveren van deze belangrijke materialen, is het schrikbeeld. Bovendien moeten de fabrieken wel de middelen hebben om te vergroenen. ‘Subsidies zijn tijdelijk,’ zegt Ronald van Klaveren van plasticproducent LyondellBasell. ‘Maar zorg dat de patiënt niet overlijdt tijdens de operatie.

’Het zijn noodkreten van een industrie die niet wil opgeven, maar moeten we alles wel willen behouden? Het is heel pijnlijk als mensen hun banen verliezen omdat bedrijven noodgedwongen moeten sluiten. De vraag is alleen of we onszelf niet nog verder in de nesten werken als we maar door blijven gaan op de oude, fossiele voet. 

Sommige mensen proberen wél verder vooruit te denken. Hoe zou de industrie van de toekomst eruit kunnen zien? Volgens onderzoeker Boris Schellekens hoeven we bij de sluiting van sommige fabrieken niet afhankelijk te worden van een land als China. We zouden de basisindustrie ook in Europees verband kunnen oplossen door fabrieken neer te zetten waar de groene energie het goedkoopst is. Landen als Zweden bijvoorbeeld, waar waterkracht enorm veel energie kan opleveren, of Spanje en Portugal die veel zonne-uren hebben.

Het kan dus wél, of in ieder geval anders. Twee jaar geleden leek toenmalig klimaatminister Rob Jetten daar ook van doordrongen toen hij de fossiele subsidies wilde afbouwen. Maar in het nieuwe formatiestuk wordt daar met geen woord meer over gerept. Het optimistische vooruitgangsverhaal waarmee D66 de verkiezingen won, lijkt er wat dat betreft vooralsnog een te zijn zonder verbeeldingskracht. 

Tips van onze redactie