Al vijftien jaar lang is Henny Holleman een vast gezicht op de backstage van rondreizend theaterfestival de Parade. Zij reist namelijk mee als oppas. Ze is dol op de kinderen, en op haar caravan. ‘Ik heb heel wat mensen hier zien opgroeien.’

Henny is niet moeilijk te vinden, in het doolhof van tentjes en caravans op de backstage. Ze heeft namelijk, volgens haar, de leukste voortent van de ‘camping’. Vlaggetjes versieren de scheerlijnen, aan het plafond hangen lampionnetjes. Aan beide kanten van de voortent staan planten.

In de voortent ligt een groot kleed en kussens, links staat een picknicktafel vol met spullen. Op het bankje zit Henny, leunend tegen haar kleine, versierde caravan.

Al jaren reist ze mee als oppas voor alle Parade-kinderen. Dat begon bij haar eigen kleinkinderen. Haar zoon Arend werkt al meer dan twintig jaar bij de zweefmolen op de Parade. Zijn vrouw Astrid werkt op het kantoor. Voor hun eerste kind hadden ze een oppas, toen de tweede kwam vroegen ze Henny. ‘Ik zei gelijk ja,’ zegt Henny. ‘"Nee" komt sowieso niet zo vaak voor in mijn praten.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Henny en haar caravan op de backstage

Eén grote familie

Vijftien jaar later is ze er nog steeds. Ze is een vast gezicht op de backstage, waar ze samen met werknemers en artiesten verblijft op een soort camping. 

In Utrecht is de backstage een straatje van het Parade-terrein vandaan, in het andere deel van het Moreelse park. Het terrein staat vol tentjes en caravans. Ook een sanitairgebouw mag niet ontbreken, en in een grote tent daarnaast wordt gekookt voor de 'kampeerders'. Volgens Henny is het eten heerlijk. 

Het meereizen met de Parade is vaste prik geworden voor Henny, en dus heeft ze heeft ze een hoop Parade-ervaring opgedaan. Ze weet alles over de backstage en het terrein.

Ook dit jaar is ze weer van de partij met haar caravan, en past Henny op haar jongste kleinkind van twee-en-een-half. Die doet een middagdutje in de caravan naast haar, waar haar familie in verblijft. 

‘Het is een feestje. Ik ben met mijn eigen familie, maar ook met mijn grote Parade-familie. Het zijn allemaal mensen waar ik van houd.’ 

De caravans met gezinnen staan allemaal bij elkaar. Henny heeft ook gepast op kinderen die niet haar kleinkinderen waren. Bijvoorbeeld van werknemers die, net als haar zoon en schoondochter, de hele zomer met de Parade meereizen en veel moeten werken. 

Binnenkort komt een vroeger oppaskindje met moeder logeren. Zijn ouders werkten ook op de Parade. 'Zij was zwanger, en dus vroeg ik:
“Hebben jullie al nagedacht over een oppas?”
“Nee, het zit nog in de buik,” zeiden ze.
“Ja, maar het komt er ook een keer uit. En wat dan?”
“Nou, als jij wilt?”
“Ja!”’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Muntjes rapen

Henny heeft heel wat kinderen zien opgroeien op de Parade. ‘Vaak spelen ze allemaal met elkaar, dus hoe mooi is dat? Ik hoef alleen maar lekker erbij te zitten en mee te spelen.’

En volgens Henny is er genoeg te doen voor de kinderen. Knutselen bij Villa Lilla, zweven in de zweefmolen, poffertjes bakken en naar kindervoorstellingen gaan.

Vroeger was de favoriete bezigheid van de kinderen ‘muntjes rapen’, vertelt Henny. In de vroege ochtend op zoek naar geld dat nog op het terrein lag, van bezoekers die het lieten slingeren. Volgens Henny werd het bijna een wedstrijdje.

‘Het begon met geroezemoes op de backstage; “Stil, iedereen slaapt nog.” Dan gingen we in een groepje naar het terrein toe. Overal lag wel iets. Daarna werd het geld geteld, en de consumptiebonnen die ze vonden. Daarmee konden ze weer zweven, of poffertjes bakken. Het was hun geld.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

De zweefmolen op het terrein

Plassen trappen

Het gedeelte van de backstage waar Henny’s caravan staat, is bedoeld voor de gezinnen en werknemers die op tijd op moeten. Zo ver mogelijk van de nachtbrakers vandaan, die aan de andere kant van de backstage staan.

‘In Amsterdam is de backstage het grootst. Dan heb je twee 'campings'. Een jongerencamping en een ouwelullencamping. Dat zijn wij en alle mensen met kinderen, ver van alle ‘doorzakkers’.’

In elke stad is de backstage weer anders. ‘Eigenlijk is Den Haag de leukste stad om te staan, omdat je dan dicht bij het strand staat. Je bent er zo met de fiets.’ Maar dit jaar was het koud en regenachtig - dus geen strand.

‘Kinderen vinden regen leuk als ze in de regen mogen spelen. De kinderen houden van plassen trappen. En ik heb waterdichte laarzen, dus ik doe net zo hard mee.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Overlast op backstage

Soms gaat het ook nog wel eens mis, en is er overlast op de backstage. ‘Sommige mensen moeten het nog een beetje leren. Die smijten alle bekers en borden tussen hun tenten, en laten de troep liggen voor een ander. Maar dan denk ik: ach, het zal de warmte wel zijn. Of misschien is dit hun eerste jaar. Al zijn er ook mensen die hier al jaren zijn, en die doen het nog steeds. We zijn niet allemaal hetzelfde, gelukkig. Dat houdt de jeux  er een beetje in.

‘Maar af en toe moet je duidelijk zijn. Ik werd eens om vier uur wakker, ik lag vanwege de warmte buiten. Stonden er mensen bij m'n opblaaszwembad, uitgekleed en wel. Toen zei ik: “Nou, dacht het even niet. Dit is een kinderbad.”

‘Er zijn hier wel fatsoensnormen, maar die worden soms nog wel eens vergeten. Sommigen gaan af en toe even van god los. Moet kunnen, je bent jong. Maar we zijn hier met zijn allen, je hebt ook rekening te houden met het tentje achter je, of met de caravan naast je of voor je.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Lusten, niet lasten

Die overlast levert nog wel eens ergenis op, maar daar blijft Henny niet in hangen. Ze laat het ook weer makkelijk los. ‘Dingen die gebeurd zijn kun je toch niet veranderen, want het is gebeurd.'

‘Als je blijft hangen in alles wat minder goed gaat, dan krijg je last van je schouders.’ Ondeugend laat ze haar schouders zien en schud ze heen en weer.  ‘Schouders zijn voor lusten, niet voor de lasten,’ lacht ze. ‘En dat werkt. Voor mij werkt dat.’

Henny houdt de dingen graag zo simpel en relaxed mogelijk. ‘Voor jezelf is dat fijn, dan kun je loslaten, en voor de ander is het ook duidelijk. Zo leren we allemaal om jezelf te kunnen zijn. Dat is hier heel belangrijk.’

En op de Parade help je elkaar, zegt Henny. Iedereen is nodig. ‘Zonder samenwerking is er geen Parade. Je hebt elkaar allemaal nodig. Van de bouwers, tot koffiezetters, tot de wc-schoonmakers, tot de koks en de afwassers. Megastapels afwassen.

‘De meeste mensen beginnen op de Parade met glazen ophalen. En dat is teamwork. Het zijn allemaal jonge mensen. Je moet elkaar helpen. Dat is sowieso een goede basis. Arend is ook begonnen met borden ophalen en afwassen. En van het een kwam het ander.

‘Als je niet samenwerkt klaar je de klus niet. Dus je moet samenwerken om het terrein en backstage weer schoon te krijgen. Dat wordt iedere dag gedaan. Er zijn zoveel dingen die Parade bezoekers niet weten of niet zien. Maar iedere dag is het terrein schoon.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

'De Rijdende School' staat midden op de backstage

Kleine mensjes

Op de backstage krijgen de kinderen ook les. De Stichting Rijdende School  komt met een busje langs, waaruit een docent les geeft. Die ochtend hadden ze een speciaal project: ze moesten een saladebar organiseren voor hun ouders. Henny was ook uitgenodigd.

‘Dan krijg ik gewoon tranen in mijn ogen. Ik vind dat zo mooi hoe ze dat doen. En helemaal vol overtuiging. Lijstje maken, boodschappen doen, klaarmaken. Hoe mooi is dat? Van zulke kleine mensjes. Het is leerzaam, maar het is ook zo mooi om te zien.

‘Het zijn wel kinderen, maar het zijn gewoon hele kleine mensjes. Die al zoveel kunnen dat ik gewoon iedere keer weer vol verbazing zit te kijken.'

‘En daarom doe ik dit ook. Ik vind kleine mensjes heel bijzonder om te zien. Wat ze allemaal doen, kunnen, wat ze zeggen. Wat ze willen, want een willetje hebben ze al.

‘Dat is rijkdom, als je dat mag zien. Zo voelt het voor mij.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

De zoon van Miriam van snoepkraam De Snoep, brengt drinken rond in de 'saladebar'

Slapen tussen popcorn

Niet alleen is Henny dol op het oppassen, ze houdt ook van haar caravan. Het is in de zomer haar huisje. ‘Ik had eerst een tipi-tent. Toen zei mijn schoondochter dat er een caravan op Marktplaats te koop stond. Net zo een als die zij hadden, maar dan in het klein. Ik hoef geen grote natuurlijk. Die heb ik toen gekocht, dat is deze.’

Henny laat de binnenkant zien. Een rood glittergordijn hangt voor de ingang. Voor de raampjes hangen nog meer gordijntjes, allemaal felgekleurd, en op elke muur zijn foto’s van de zweefmolen geplakt. Ook binnen staan plantjes.

Tekst gaat verder onder de afbeelding

De binnenkant van Henny's caravan

‘Er past heel veel in. Dit jaar ben ik een beetje aan het opruimen. Arend rijdt me dan van de ene naar de andere stad. “Wat heb je allemaal in die caravan zitten?” vraagt hij zich dan af. Stoelen, een hekje, matras, warme, koude en zonnige kleding, handdoeken. “Man, wat is die zwaar”. Dit jaar ben ik begonnen met dingen wegdoen. Weggeven, verkopen.’

Volgens Henny passen er ook een hoop kinderen in. Als het regent, zet ze af en toe een filmpje aan in de caravan. ‘Ik heb wel gehad dat ze hier met zeven of acht kinderen in de caravan filmpjes zaten te kijken. Het is dan een sauna natuurlijk. Dan kijk ik om het hoekje, en ligt alles heel chill  tussen de kussens. Dat doe je thuis toch ook, met vriendjes en vriendinnetjes? Dit is ook een soort thuis.

‘En als je naar bed gaat dan lig je tussen popcorn en chips, en moet je het eerst weer een beetje opruimen.’

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Overal in Henny's caravan zijn foto's van de zweefmolen geplakt

Wonen in caravan

Henny wijst naar de grond in de voortent, waar kussens liggen om te zitten. ‘Daar zit het ook af en toe vol. Dan zijn de mensen uitgewerkt en dan relaxen we hier. Dan komt er nog een aan: "Mag ik er bij zitten?” Ja hoor, en dan zit er acht man. Gaat makkelijk.

‘Het is echt super leuk. De caravan is een klein huis. Je kunt hier alles doen. Thuis moet je stofzuigen. Hier haal je een zwabber doorheen, en je maakt even het kleed in de voortent schoon. Doekje over de tafel, afwasje. Thuis heb je weer een heel huis. Ik heb wel een leuk huis, maar het is wel een heel huis. Op drie hoog, en dan nog een trap in huis. Ik heb altijd moeite om terug naar huis te gaan. Het is zo groot. Dit is gewoon een lekker klein huisje. 

‘Ik zou best het hele jaar in de caravan kunnen wonen, denk ik. Ook in de winter. Ik heb lekkere warme truien.’

Human is dit jaar mediapartner van de Parade. Samen met de Parade zochten we elke zondag twee voorstellingen uit, die je met korting kunt bezoeken. Voor maar €20,- koop je het Human-pakket met daarin die twee voorstellingen en toegang tot het terrein. De pakketten bevatten onder andere de voorstellingen van Scapino Ballet Rotterdam, The Smartphone Orchestra en Collectief het Paradijs. Bekijk alle pakketten hier.

Ook interessant