Klimaatverandering bedreigt de verschillende ecosystemen van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en ook lokale factoren zoals toenemend toerisme, watervervuiling, loslopend vee en eutrofiëring van kustwater zorgen ervoor dat het slecht gesteld is met de biodiversiteit. Maar bij wie ligt hiervoor de verantwoordelijkheid: Caribisch Nederland of Den Haag?

Op het eerste oog zie je het niet, maar op de koraalriffen op Bonaire, Saba en Sint Eustatius is langzaam een slachting gaande. Sommige delen van het rif lijken op een sneeuwlandschap door het bleken van de koralen. En waar in Nederland de beelden van de overstromingen in Limburg als apocalyptisch ervaren worden, zijn die voor de bewoners van de drie eilanden al jaren realiteit.

De vraag is nu: Wat is de verantwoordelijkheid van Nederland bij deze problemen? Waarom zijn ze precies schadelijk? En, wat is eraan te doen?

Bij wie ligt de verantwoordelijkheid?

Het antwoord op de vraag of Nederland verantwoordelijkheid draagt voor deze problemen is simpel gezegd: ja: Bonaire, Saba en Sint Eustatius zijn sinds 2010 openbare lichamen binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft daarom de eindverantwoordelijkheid voor het natuurbeschermingsbeleid van deze eilanden, waaronder de uitvoering van zeven internationale natuurbeschermingsverdragen.

"De slechte staat van de biodiversiteit op Caribisch Nederland zou in Den Haag een punt op de agenda moeten zijn, maar dat is het te vaak niet," zegt oceanenexpert Arjan de Groene van het Wereld Natuur Fonds. "Eric Wiebes, ex-minister van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, heeft in 2018 in een kamerbrief gezegd dat het VN Klimaatverdrag (UNFCCC), het Kyoto Protocol, de Overeenkomst van Parijs en de daaruit voortvloeiden Europese reductieverplichtingen alleen geldig zijn voor het Europese deel van het Koninkrijk. Daar vallen de Caribische eilanden niet onder, dus dan is het klaar." 

Wat is Caribisch Nederland?

Aruba, Curaçao en Sint Maarten kennen binnen het Koninkrijk der Nederlanden zelfbestuur. Voor Bonaire, Saba en Sint Eustatius ligt dat anders. Op 10 oktober 2010 werden deze eilanden openbare lichamen van Nederland, ofwel bijzondere gemeenten. De eilanden, ook wel Caribisch Nederland genoemd, worden bestuurd door een eilandbestuur en de Nederlandse Rijksoverheid. Op Saba wonen bijna tweeduizend mensen, op Sint Eustatius meer dan drieduizend en op Bonaire meer dan 21.000.

Uitvoeringsagenda’s

Het rapport Staat van de natuur van Caribisch Nederland 2017 maakte duidelijk dat de staat van de biodiversiteit op Caribisch Nederland “matig ongunstig” tot “zeer ongunstig” is en benadrukte dat dit zonder maatregelen niet zal verminderen of stoppen.

Om die reden is het Natuur- en Milieubeleidsplan Caribisch Nederland 2020 - 2030 opgesteld. De Groene is sceptisch over de uitvoering. "Simpel gezegd zijn er nu doelstellingen, zoals het investeren in een veerkrachtig koraalrif ten behoeve van groter welzijn in Caribisch Nederland, maar de uitvoeringsagenda’s moeten de lokale overheden zelf maken," zegt De Groene.

Het probleem hiermee is dat die uitvoeringsagenda's nog gemaakt moeten worden, maar dat dit door weinig expertise, gebrekkige capaciteit om duidelijke plannen te maken en uit te voeren, én een tekort aan steun vanuit Nederland, moeizaam gaat. "De opgave om de riffen te behouden en de eilanden klimaatbestendig te maken is te groot voor de eilanden om alleen op te lossen," zegt De Groene. Dat vindt ook Tadzio Bervoets, directeur van de Dutch Caribbean Nature Alliance (DCNA), een regionaal samenwerkingsverband van natuurbeschermingsorganisaties en nationale parken op de gehele Nederlandse Caraïben. 

"De Nederlandse regering heeft gezegd dat de verantwoordelijkheden voor het uitvoeren van de doelstellingen bij de respectieve regeringen liggen,” zegt Bervoets. "Maar de lokale overheden hebben de internationale verdragen niet getekend. DCNA probeert de lokale overheden te laten zien dat de biodiversiteit in vreselijke staat is, en dat is lastig.

"De prioriteit ligt bij veel eilanden op meer directe bedreigingen die gemakkelijker te zien zijn, zoals armoede of de coronacrisis. Terwijl een grotere meer impactvolle crisis, de klimaatcrisis, om de hoek loert die een existentiële bedreiging kan vormen voor het leven en levensonderhoud van de bewoners."

Stressfactoren

Wat gaat er precies mis met de biodiversiteit op Caribisch Nederland? Ecoloog Erik Meesters van Wageningen University ziet verschillende mondiale en lokale stressfactoren voor de koraalsterfte op voornamelijk Bonaire. In de jaren tachtig tastte de ​​white band disease het koraal op alle eilanden aan, waardoor het afstierf.

"Daarbovenop zorgt klimaatverandering steeds vaker voor incidentele temperatuurstijging waardoor het koraal verbleekt,” zegt Meesters. “Het verbleken treedt op tegen het einde van de zomer als het zeewater al warm is en dan opeens nog een of twee graden warmer wordt door verstoringen in zeestromingen. En, die hogere watertemperatuur heeft ook effecten op de schadelijke bacteriën in het water, waardoor meer ziektes ontstaan."

"In het verleden waren overbevissing en het bijna uitsterven van de zwarte zee-egels, ook door een ziekte, een groot probleem," gaat Meesters verder. "De herbivore vissen die er nu uitgevist worden, eten, net als zee-egels, de algen op. Maar doordat ook zij uit het water worden gehaald, heb je geen schoon rif waar nieuwe koraallarven kunnen settelen.

"Andere lokale problemen zijn de slechte afvalwaterafvoer, waardoor dat water nu in de zee terecht komt, en het loslopend vee, zoals geiten en ezels. Zij eten alle vegetatie op, waardoor de grond minder water vast kan houden."

Links: koraalrif in 2019. Rechts: hetzelfde koraalrif in 2021. Ecoloog Erik Meesters; "Het grote verschil met 2019 is dat in 2021 bijna alles dood is."

Ongelijke strijd

Verergerende factoren zijn de sterke groei van bevolking en toerisme. Woonden er begin 2011 nog 15.600 mensen op Bonaire, in 2021 zijn het er ruim 21.000. Door de toename van gebouwen op Bonaire, kan de grond minder water vasthouden en dat zorgt voor meer erosie. "Bij harde regen stroomt het water met volle vaart naar beneden en neemt onderweg alles mee," zegt Meesters. "Niet alleen zand, maar ook de dierenpoep. Dat komt bij de kustzone terecht en dat leidt tot meer sediment en meer nutriënten, waardoor de algen nog meer groeien."

Het is een ongelijke strijd vindt de ecoloog. "Koralen en algen ‘vechten’ beide om ruimte, een plek om te ‘wonen’. Maar door de nutriënten en de ziektes krijgen de algen steeds meer de overhand." 

Stormen en orkanen

"En we moeten Saba en Sint Eustatius niet vergeten," zegt Bervoets. Op Saba vormen afkalving van het eiland en het ongezuiverde afvalwater een probleem dat moet worden aangepakt. Ook Sint Eustatius ondergaat een langzame aantasting van zijn natuurlijke omgeving die tot erosie leidt. "Dit tast de veerkracht van de koraalriffen aan," zegt Bervoets.

"Daarnaast zorgen ook hier de klimaatverandering en de daaruit volgende zeespiegelstijging voor een toename in het aantal overstromingen, stormen en orkanen," gaat Bervoets verder. "Saba en Sint Eustatius liggen in de hurricane belt, een gebied in de Atlantische Oceaan waar sowieso al veel orkanen voorkomen."

Gevolgen voor Caribisch Nederland

Maar waarom is klimaatverandering en koraalsterfte zo schadelijk voor de eilanden? "De economieën van de eilanden van Caribisch Nederland zijn afhankelijk van toerisme en visserij, en dus van hun natuurlijke omgeving," zegt De Groene. "Door niet-duurzame visserij is er minder voedsel voor de bewoners. Daarnaast beschermt een uitgestrekt koraalrif net als de mangroven en zeegrasvelden de kust en worden de golven gebroken, waardoor er minder last is van erosie."

Dweilen met de kraan open

Bervoets en De Groene zien de oplossing voor het biodiversiteit-probleem bij zowel de lokale overheid als de Nederlandse politiek. "Het Natuur- en Milieubeleidsplan is een regulier beleidsproces, en het geeft niet de urgentie weer van het probleem dat opgelost moet worden," zegt De Groene. "Het is al vijf over twaalf. Als je de natuur kwijt bent gaat dat ten koste van de leefbaarheid en zelfstandigheid van de eilanden, de bescherming van de kust en de bewoners. Eigenlijk zou de Nederlandse politiek bij elk besluit dat ze over het klimaat maakt zichzelf de vraag moeten stellen: 'Wat betekent dit voor Caribisch Nederland?'" 

"Wat we écht nodig hebben," gaat Bervoets verder, "van beide partijen, maar vooral van de Nederlandse overheid, is steun voor de organisaties die op de eilanden onze ecosystemen beheren en proberen te herstellen. Anders is het dweilen met de kraan open." 

Mondiale aanpak

Meesters ziet het anders, maar beaamt dat Nederland meer verantwoordelijkheid kan nemen. Hij ziet dat er vanuit de lokale overheden op alle eilanden nog geen duidelijke sturing is om de slechte staat van de biodiversiteit duurzaam te verbeteren. "Nederland zou meer kunnen ingrijpen, maar dat kan gezien worden als neokoloniaal."

Volgens Meesters ligt de oplossing in het beter opleiden van de lokale overheden. "Ik denk dat Nederland zijn best doet. De vraag is alleen of het allemaal snel genoeg zal zijn en of de lokale overheden genoeg invloed kunnen uitoefenen om de koralen te redden. Dit is uiteindelijk een mondiaal probleem en zal mondiaal opgelost moeten worden."