Denk-'fouten'?

, Maarten van den Heuvel

Vanaf 2 november zendt Human wekelijks het televisieprogramma Dat had je gedacht uit over helder denken en de momenten dat ons brein ons in de steek laat.

Onder leiding van de Vlaamse filosoof Johan Braeckman doet een groep van honderd vrijwilligers mee aan psychologische tests, die verschillende denkvalkuilen blootleggen - van het bevestigingsvooroordeel en cognitieve dissonantie tot het verloren-kosten-effect. Braeckman laat zien hoe oermenselijke denkpatronen ons op het verkeerde been kunnen zetten. In huis-tuin-en-keukensituaties, in de actualiteit, maar ook in grote historische gebeurtenissen kunnen die denkpatronen een beslissende invloed hebben.

We hebben als makers geworsteld met de vraag welke termen we zouden gebruiken voor wat hierboven afwisselend ‘momenten dat ons brein ons in de steek laat’, denkvalkuilen en denkpatronen wordt genoemd.

In de voorbereiding spraken we steeds van denkfouten. Het idee voor het programma is afkomstig van psycholoog Suzanne Weusten en zij is auteur van het boek Hoe we onszelf voor de gek houden. ABC van denkfouten. En hoewel die term in een aantal gevallen zeker goed de lading dekt, begon hij - ook voor haar - gaandeweg steeds meer te wringen. In de titel van haar nieuwe boek is de term dan ook niet meer te vinden: Wij zijn slim. En andere dwaalwegen van het denken. Waarom? Omdat die denkfouten voortkomen uit iets heel positiefs.

Om dat te begrijpen moeten we iets weten over ons brein. Dat kleine stukje vlees maakt niet meer dan zo’n 2 procent van ons lichaam uit. Maar het verbruikt ongeveer 25 procent van al onze energie. Het is dus niet zo verwonderlijk dat we in de evolutie energiebesparende processen hebben ontwikkeld: allerlei automatismen, ook wel sluipweggetjes van het brein genoemd. Denkpatronen die veelal onbewust plaatsvinden en ons meestal snel en efficiënt brengen waar we moeten zijn.

'Denkfouten komen voort uit iets positiefs.'

Als we op een bospad lopen en een laag overhangende tak tegenkomen, is het handig als we in één keer bukken en doorlopen in plaats van dat we ervoor gaan staan, bedenken hoe lang we zijn, meten hoe laag de tak hangt en dan berekenen hoeveel we dus door de knieën moeten zakken. Maar de term ‘denkpatronen’ heeft ook een nadeel. Het is te algemeen en te neutraal voor die gevallen dat ons denken ons in de steek laat.

Neem het representativiteitsvooroordeel. Dat is het vooroordeel dat als een persoon of een ding onderdeel uitmaakt van een bepaalde groep personen of dingen, de stereotiepe eigenschappen van die groep ook wel voor die specifieke persoon of dat specifieke ding zullen opgaan. Dat is vaak heel handig. Stel je voor dat je in de prehistorie leeft. Een van de leden van je stam is doodgegaan doordat hij een bepaalde plant heeft gegeten. En een ander is er heel erg ziek van geworden. Dan heeft het voordelen om de volgende keer dat je zo’n plant tegenkomt te denken: die laat ik links liggen. Je associeert de eigenschappen van die plantensoort met het individuele exemplaar dat je voor je hebt. Je maakt de keuze hem niet te eten, zonder dat je hebt getest of dit individuele exemplaar ook schadelijke gevolgen heeft.

Dit valt goed als een denkpatroon te omschrijven en wij zijn naar alle waarschijnlijkheid nazaten van de mensen die deze keuze maakten. Maar als we op precies dezelfde manier bepaalde eigenschappen aan alle leden van een groep mensen gaan toeschrijven, dan kan dat enorm misgaan. Dat kan leiden tot het type redeneringen als: Marokkanen zijn crimineel of negers zijn lui. En hoewel hetzelfde psychologische mechanisme en hetzelfde denkpatroon eraan ten grondslag ligt, gevoelsmatig dekt de term ‘denkpatroon’ dan de lading niet meer.

Johan Braeckman presenteert Dat Had Je Gedacht.

De Vlaamse filosoof Johan Braeckman spreekt in onze serie ook wel van denkfuiken en denkvalkuilen en die termen passen wel goed op de hierboven beschreven situatie.

In het Engels spreken ze in dit soort gevallen van bias en het daarvan afgeleide bijvoeglijke naamwoord biased. Dat laatste vertalen we als vooringenomen. Het daarvan afgeleide zelfstandig naamwoord vooringenomenheid en vooringenomenheden betekent letterlijk: ‘Een oordeel klaar hebben voordat men de feiten kent’. In die betekenis zou het woord goed passen, maar in de volksmond klinkt heel erg een van de andere betekenissen van het woord door: partijdigheid. En dat is hier weer niet van toepassing. Nederlandstalige wetenschappers hanteren dan weer het begrip heuristiek. Maar dat is een begrip dat niet makkelijk een snaar raakt bij veel mensen en daarom in onze ogen minder geschikt.

We zijn er al met al niet helemaal uitgekomen. In de serie gebruiken we afwisselend denkpatroon, denkvalkuil en denkfuik. Maar wie op deze site al eens een aflevering heeft gelezen van onze serie Denkfout van de week weet dat het daar niet bij is gebleven.

Dat Had Je Gedacht

is een tv-programma van Human over helder denken en de momenten dat ons brein ons in de steek laat. Onder leiding van de bekende Vlaamse filosoof Johan Braeckman doet een groep van honderd vrijwilligers mee aan psychologische tests, die verschillende denkvalkuilen blootleggen. Van het bevestigingsvooroordeel en cognitieve dissonantie tot het verloren kosten-effect. Braeckman laat zien hoe die denkpatronen ons op het verkeerde been kunnen zetten. In huis-tuin-en-keukensituaties, in de actualiteit, maar ook in grote historische gebeurtenissen kunnen die denkpatronen een beslissende invloed hebben.

Dat had je gedacht is vanaf 2 november wekelijks te zien op NPO2, na Nieuwsuur.