'Ze hebben af en toe een duwtje nodig'

Interview met de directeur van De Sociale Maatschap

, José Rozenbroek voor Human Magazine

Will is de bevlogen directeur van De Sociale Maatschap (Doras): de officiële schuldhulpverlening instantie van Amsterdam Noord. Will is tevens een van de hoofdpersonen uit de documentaireserie 'Schuldig'.

De cliënten van Will van Schendell hebben vaak torenhoge schulden. Toch wil lang niet iedereen geholpen worden. Wat doe je dan als hulpverlener?

Op een grasveldje ligt een vrouw tussen de hondenpoep. Het is vroeg in de ochtend, het is koud en miezert. Will van Schendel is op weg van haar auto naar haar kantoor in Amsterdam-Noord. Ze wil snel doorlopen, maar dan bedenkt ze zich: Van Schendel wat doe je nou?

‘Gaat het wel goed met je?’, vraagt ze aan de vrouw in het gras. Een scheldkanonnade volgt: ‘Vuile kankerhoer, gore teringtrut! Sodemieter op!’ Will deinst terug en zegt: ‘Ik wil alleen maar weten of het goed met je gaat.” “Bemoei je met je eigen zaken!’, schreeuwt de vrouw. ‘Wil je een kop koffie?’, vraagt Will. De vrouw gaat rechtop zitten. Nou, koffie wil ze wel. Will neemt haar mee naar binnen, de vrouw krijgt koffie en een warme douche. Dan gaat ze weer.

Dat was een jaar geleden. Deze week kwam dezelfde vrouw weer binnenlopen. Ze zei tegen de baliemedewerkster: ‘Vorig jaar was ik hier ook, een aardige mevrouw had me binnengehaald. Het ging toen zo slecht me.’

In haar werkkamer bij Doras, de organisatie voor maatschappelijk werk in Amsterdam-Noord, zet Will van Schendel haar bril af en schenkt nog eens thee uit een thermoskan. ‘Dit verhaal is in een notendop waarom ons werk zo nodig is. En ja, soms gaat het gepaard met gescheld en geschreeuw. Soit. Maar het is niet persoonlijk. Het is nooit persoonlijk.’

Will van Schendel (57) is directeur-bestuurder van De Sociale Maatschap, een koepelorganisatie waaronder verschillende Amsterdamse stichtingen vallen voor maatschappelijke dienstverlening, welzijn, ouderenzorg en schuldhulpverlening. Het grotere publiek kent haar als de charmante maar o zo kordate directeur uit de bejubelde Human-documentaire Schuldig. Daarin maakt ze zich hard voor een gezin uit Amsterdam-Noord dat uit huis is gezet wegens een huurschuld. Ze verontschuldigt zich: de documentaire gaf een verkeerd beeld van haar werk, in het echte leven praat ze niet zelf met de cliënten. Dat doen haar onvolprezen hulpverleners. Zij houdt zich vooral bezig met beleid. “Maar ik zie ons als een voetbalteam waarin de keeper en de spits net zo belangrijk zijn als de trainer en de reserveman op de bank. Ik volg dezelfde cursussen als mijn medewerkers, zodat ik weet waar zij het over hebben. Niet voor niets luidt ons motto: ‘Ik zie jou, ik sta naast jou, samen maken wij het verschil.” Dat geldt voor de organisatie, maar het is ook leidend in onze aanpak van onze cliënten.’

‘Mensen schamen zich dat ze het niet zelf kunnen. Ze zijn te trots om naar ons toe te stappen. Of ze overschatten zichzelf. Ze denken: ik kan het zélf, ik heb jou niet nodig’

Will van Schendel

Hulpmijders

Die cliënten hebben zich vaak flink in de nesten gewerkt. Ze zijn werkloos geraakt, of liggen in scheiding, soms zijn ze alcohol- of gokverslaafd. Van het een komt het ander. Ze betalen de huur niet meer, lopen achter met de betaling van hun zorgverzekering of energierekening, krijgen aanmaningen en boetes, hun schulden lopen in razend tempo op tot schrikbarende bedragen. Op een dag komt de brief waarin staat dat ze uit hun huis worden gezet als ze nú niet betalen. Paniek.

Van Schendel: ‘Dan komen ze hier en dan kieperen ze zo’n vuilniszak vol met rekeningen en papieren leeg op tafel. Vaak blijkt dan dat ze al vier of vijf jaar problemen hebben. Als ze veel eerder waren gekomen, hadden we ze ook veel eerder kunnen helpen en was die schuld niet zo torenhoog geweest.’

Hulpmijders noemt Van Schendel de mensen die pas hulp inroepen als het te laat is en zelfs dan soms nog alle hulp afslaan. Dat is haar grote dilemma: hoe kun je mensen helpen die niet geholpen willen worden?

‘Mensen schamen zich dat ze het niet zelf kunnen. Ze zijn te trots om naar ons toe te stappen. En veel mensen overschatten zichzelf. Als wij ze een bemiddelings- of saneringsvoorstel doen, zeggen ze: ‘Hoe niet, volgende maand kan ik best 300 euro extra betalen.’ Maar dat kunnen ze niét. Ze overzien hun inkomsten, uitgaven en hun schulden niet. Dat heeft ook met stress te maken. Uit onderzoek blijkt dat als je ernstige geldzorgen hebt je IQ wel met dertien punten kan zakken. Wie geldstress heeft kan alleen nog maar nadenken over korte termijnzaken: mijn kinderen moeten vanavond eten, ze hebben nieuwe schoenen nodig. Dan ga je echt niet sparen voor de lange termijn.’

Een ander probleem is dat mensen soms helemaal niet weten dat ze hulp kunnen krijgen. ‘Vergeet niet: 20 procent van onze doelgroep heeft een licht verstandelijke handicap. Ze zijn laaggeletterd, snappen niks van de inhoud van officiële brieven en formulieren. Ze kennen de weg niet naar de instanties, begrijpen niet hoe je huurtoeslag of zorgtoeslag aanvraagt. Ja, ‘ons soort mensen’ weet precies hoe je dingen voor elkaar moet krijgen. Maar zij hebben vaak geen idee.’

Van Schendel ziet de tweedeling steeds groter worden en de kloof steeds dieper tussen hoogopgeleide en laagopgeleide burgers. ‘Voor veel mensen is het leven helemaal niet simpel.’

'Onze zoon heeft een enorme angst voor water, en toch heeft hij al zijn zwem- en duikdiploma’s gehaald. Dat komt omdat we hem af en toe een duwtje geven.'

Will van Schendel

Documentaireserie Schuldig

De documentaire heeft niet alleen veel losgemaakt, vertelt ze, maar ook begrip gekweekt. ‘Veel tv-kijkers wisten niet dat een kleine schuld desastreuze gevolgen kan hebben. Het mooiste inzicht is dat onze eigen overheid de grootste aanjager en ‘hinderkracht’ is bij schulden. Ons systeem is gebouwd op de gedachte dat als je niet betaalt, je dat moedwillig doet, en dus gestraft moet worden. Dat mensen met een schuld altijd schuldig zijn. Terwijl: 99,95 procent van de mensen is helemaal niet moedwillig een wanbetaler of een fraudeur. Ze handelen in wanhoop en uit onmacht.’

Maar hoe moet het dan wel? Van Schendel, hartstochtelijk: ‘Ik zou alle mensen wel toe willen roepen: heb je problemen, beginnende schulden? Vraag alsjeblieft zo snel mogelijk om hulp. En wees niet bang, wij oordelen niet, dat is niet aan ons.’

Ze noemt als voorbeeld het nieuwe initiatief, Ontzorgen, dat samen met woningbouwcoöperatie Ymere op poten is gezet. ‘Bij een huurachterstand gaan wij in een vroeg stadium met je om tafel zitten en nemen alle opties door. We zeggen: ‘Wat wil je? Dat je uit je huis wordt uitgezet? Nee? Nou, dan spreken we af dat je hier elke twee weken komt, dat je vrijwilligerswerk gaat doen, zodat je weer een dag- en nachtritme opbouwt en waarmee je vouchers kunt verdienen om je huur af te betalen. We maken een budgetplan en kijken hoe je je leven weer op de rit kunt krijgen.’ Ja, dat vinden sommige mensen paternalistisch. Maar de kunst is om de mensen te verleiden die hulp te accepteren.” En, zegt Will van Schendel, dat mag zo nodig best op directieve wijze. ‘Dat doe je in je opvoeding toch ook?’ Ze vertelt over haar zoon, die een verstandelijke handicap heeft . Hij heeft een Wajong-uitkering en deze zomer hebben ze hem verhuisd naar een begeleid-wonen-huis waar hij zo zelfstandig mogelijk kan leven.

‘Onze zoon heeft een enorme angst voor water, en toch heeft hij al zijn zwem- en duikdiploma’s gehaald. Dat komt omdat we hem af en toe een duwtje geven. Mensen hebben een vangnet nodig, dat ze over drempels helpt. Ze zijn gebaat bij regels en aan houvast. Ook aan dat Ontzorgen-programma zitten voorwaarden verbonden. Als je je daar niet aan houdt, kun je eruit gegooid worden en word je alsnog ontruimd.” Dat gebeurt nog steeds wel eens, maar niet vaak meer. ‘Als mensen eenmaal die drempel over zijn, de schaamte voorbij, alles op tafel gooien, dan is dat vaak een enorme bevrijding en werken ze mee. Echt, ik geloof dat deze aanpak kan werken.’ Ze lacht. ‘Maar ik ben dan ook een ras-optimistist.’