The Wolfpack — GWR Live in De Balie

Toen hij klein was, maakte ik een foto van mijn zoontje Victor in een Spider-Man-pak. In rood en blauw met de zwarte spinnenwebben op de schouwers. Hij kijkt stoer, helemaal in zijn rol, alsof ik zijn aartsvijand ben, Doc Ock of Sandman of Green Goblin.

Gedurende zijn eerste twee jaar op de lagere school ging hij iedere dag naar de les gekleed in dat pak. Voor hem was als Spider-Man door het leven gaan de normaalste zaak van de wereld.

Toen ik dit verhaal onlangs aan iemand vertelde, vroeg ze hoe het dan zat met het wassen van dat pak. Hij droeg het immers ‘iedere dag’. Ik moest haar een antwoord schuldig blijven. Ik had geen idee, wat de vraag doet rijzen of het werkelijk precies zo is gegaan met Spider-Vic?

Nu slaat de angst me om het hart als ik eraan terugdenk: wat voor ouder ben ik dan als ik een kind opvoed dat zich helemaal verliest in de wereld van fictie? En: hoe verhouden we ons in het leven van dag tot dag tot de werkelijkheid, en daarmee ook tot fictie?

De nieuwe documentaire ‘The Wolfpack’ van Chrystal Moselle gaat op soms schokkende wijze in op deze thematiek.

Veertien jaar lang mochten de kinderen van Oscar Angulo, een Peruviaan en Hare Krishna-gelovige, en zijn vrouw Susanne, een oude hippie uit het Midwesten, hun appartement in de Lower East Side niet verlaten. Letterlijk. Niet verlaten. Ze mochten nooit naar buiten.

Het klinkt ongelofelijk. Is het werkelijk zo gegaan?

Hun vader vond de stad, de wereld, de hele mensheid, een poel van verderf waar je je leven niet zeker was. Ook wantrouwde hij de cultuur van conformisme die zich volgens hem in de Amerikaanse maatschappij had genesteld.

Sinds hun geboorte bestond de wereld voor de jongens en hun babyzusje uit slechts zoveel vierkante meter appartement. Ze tuurden naar buiten en zagen in de verte mensen, wegen, parken en wolkenkrabbers.

Dat veranderde toen hun vader op een dag besloot dat de jongens films mogen zien. Hij bracht dvd’s thuis, hoofdzakelijk Hollywood-films. Ze werden, kun je zeggen, verslaafd. Ze zagen van alles, maar hadden favorieten: ‘The Dark Knight Rises', ‘Reservoir Dogs' en ‘The Lord of the Rings’.

De opgroeiende broers leerden de wereld kennen door middel van de verhalen en de werkelijkheid van de films die zij zagen. Ze schreven scènes uit hun favoriete films uit en speelden die na.

In de documentaire blijkt dat de jongens dubbelzinnig tegenover hun bizarre opvoeding staan. Ze zien hun vader als tiran, maar voelen wel liefde voor hem. Ze vinden hun opsluiting een straf, maar is dankbaar voor hun blootstelling aan de fantasiewereld van cinema.

En het dilemma van de vader: hij voelt zich schuldig, maar realiseert zich dat zijn kinderen door zijn starheid allemaal uniek zijn, dat ze niet zijn meegegaan in de anonimiteit van de massacultuur.

Hoe ga je met deze dilemma’s om? Hoe verstandig is het je te ‘verliezen’ in fictie? Is het aan te raden kinderen af te schermen voor de buitenwereld? Wat zijn de gevolgen van culturele smetvrees?

Dit zijn confronterende vragen. Komende woensdag, 23 september, ga ik na een vertoning van ‘The Wolfpack’ in De Balie te Amsterdam tijdens een live editie van ‘Gawie Weet Raad’ er nader op in. Iedereen is van harte welkom.

Kijk voor meer informatie op de website van De Balie en volg ‘Gawie Weet Raad’ op Facebook en Twitter.