Floor Maas (regisseur)

'Uiteindelijk gaat het voor iedereen om hét moment, het is een soort surpriseparty. Ik moet net als de acteurs in het moment zijn en daarop reageren.'

Wat is het verschil tussen De vloer op & De vloer op jr.?
'Idee en vorm zijn hetzelfde. Acteurs krijgen een opdracht en moeten ter plekke onvoorbereid een scène improviseren. Het verschil zit in de acteurs en de onderwerpen. De acteurs van De vloer op zijn volwassen, geschoolde mensen, spelen langer en hebben meer bagage, waardoor ze dieper en breder op onderwerpen in kunnen gaan.

Bij De vloer op jr. hebben de jonge acteurs minder levens- en spelervaring. De onderwerpen die we gebruiken moet hen aanspreken en meer horen bij hun leeftijdsgroep en levensfase. In De Vloer Op Jr. maken we ook gebruik van de meester-leerling situatie, waarbij volwassen acteurs met hun berg aan ervaring de junior acteurs in een scène soms een beetje kunnen helpen en bijsturen. Maar in principe zijn De vloer op jr. en De vloer op hetzelfde.'

Hoe ga je om met de debutanten van De vloer op jr.?
'Ik geef bakken vol vertrouwen en de jonge debutanten krijgen ook workshops improviseren. Daar leren ze mij, de presentator en elkaar een beetje kennen. In die zin is hun voorbereiding groter dan bij de volwassen acteurs, omdat er een soort korte scholing aan vooraf gaat. De acteurs moet je op het goede spoor zetten en het vertrouwen geven dat wat ze doen goed is. Ze leren herkennen wanneer een improvisatie goed is. Wanneer werkt iets nou? en waardoor komt dat? We oefenen, proberen en praten daarover met de hele groep. In zo’n kort voortraject train je eigenlijk een houding, een instelling, zodat ze weten waar het kan zitten en dat ze dat leren te vertrouwen bij zichzelf.'

Hoe verklaar je het succes van De vloer op jr.?
'Ik denk dat het hele spannende televisie is, omdat je aanwezig mag zijn bij het oplossen van een probleem. Je weet dat de acteurs niet meer weten dan jij. Je voelt dat het niet voorgekookt is, niet gescript. Het is actieve televisie! Je ziet de acteurs aan ’t werk in een lastige situatie en je ziet hoe ze daar persoonlijk mee worstelen en er een draai aan geven. En vaak herken je die situatie, omdat je zoiets ook in het echt zelf hebt meegemaakt. En dat je dan achteraf denkt, van ‘ooh had ik dat ook maar zo gedaan of opgelost’ of juist‚ "tsjee, dat zou ik toch anders gedaan/opgelost hebben.."'

Wat is het geheim van improviseren? Wat is essentieel voor een goede scène?
'Goed luisteren en kijken. Je tegenspeler is belangrijker dan jijzelf. Je krijgt het van de ander en je moet samen de scène maken en dus niet op de solotour gaan. Het begin moet anders zijn dan het einde. Er moet een verhaaltje inzitten met een oplossing, wat niet per se een happy end hoeft te zijn.'

Zijn er 'dilemma's' die duidelijk favoriet zijn bij acteurs?
'Alles wat te maken heeft met liefde, vriendschap, seksualiteit en onafhankelijkheid, waarmee ik bedoel het loskomen van je ouders, zelfstandig keuzes kunnen en willen maken. Dit zijn ook logische dilemma’s als je tussen de 12-16 jaar bent. Op die leeftijd stel je jezelf vragen als: Wie ben ik? Wat wil ik nu, wat wil ik straks? Waar hoor ik bij? Het zijn onderwerpen waar deze jonge acteurs én hun publiek mee bezig zijn. Het zijn favoriete onderwerpen om te spelen, omdat ze dichtbij de leefwereld van de acteurs liggen.'

Wat is de valkuil/het lastigste bij De vloer op jr. als regisseur?
'Wat ik een enorme uitdaging vind, is dat ik eigenlijk niks te regisseren heb. Ik ben wel de regisseur en maker van het programma wat ik met veel super goeie mensen maak, maar uiteindelijk gaat het voor iedereen om hét moment, het is een soort surpriseparty. Ik moet net als de acteurs in het moment zijn en daarop reageren. Ik leg alle ballen klaar om erin te schieten en soms valt er eentje over de rand, die ik niet kan redden. Maar dat hoort bij het programma. Ik vind het niet lastig, maar eerder een uitdaging, want anders zou ik elke keer duizend doden sterven. Eigenlijk is het te vergelijken met wat voor de acteurs ook lastig is: loslaten en sturen tegelijk. Er moet een balans zijn, dus niet teveel loslaten of teveel sturen. Je roert in elk potje, maar je kan het uiteindelijk niet van het vuur halen op een door jou gekozen moment. Tijdens een opname kan ik niet ingrijpen, ik moet hopen en afwachten. En de kick blijft om elke keer weer mooie cadeautjes te krijgen van de acteurs.'