De gevolgen van de coronacrisis zijn meetbaar. Ook letterlijk, met lat of lint. Op mijn eigen vierkante meter bijvoorbeeld. Daar zie je het meteen. Mijn handen zijn zo ruw als schuurpapier. Twintig keer wassen op een dag eist zijn tol. Mijn nieuwe telefoon merkt het ook. Vier keer per dag leeg van het vele bellen.

En dan zijn er nog de zaken van de ziel. Met de virale verhalen van deze tijd komt mijn hypochondrische aard bovendrijven als een apocalyptische vloed. En niet te vergeten: schuimkoppen vol sentimentaliteit. Voor het eerst van mijn leven moet ik spontaan huilen om een triest adoptieverhaal in 'Spoorloos'. Ook de familiemens in mij floreert. Om met journalist en denker David Goodhart te spreken: van een ‘anywhere’ ben ik plots een ‘somewhere’ geworden.

Simpel gezegd: een reiziger is thuis gekomen.Het leven binnen de anderhalve meter-grens is ook in beweging. Dat merkt de telefoon van mijn vrouw. Ook die is veel sneller leeg. Thuisonderwijs geven is inspannender dan voor de klas staan. Mijn jongste zoon is tijdelijk terug naar huis gekomen. Dit is geen tijd voor overbevolkte studentenflats. Colleges zijn online te volgen, werkgroepen soms. Hij heeft tijd om uit te slapen.

Human-hoofdredacteur Marc Josten vraagt zich af hoe we met mensheid, macht en media uit deze wereldwijde crisis komen. Daarom houdt hij op human.nl een persoonlijk ‘medialogisch’ verslag bij tijdens de corona-crisis.

Leef niet onder een steen

Dan de wereld buiten een straal van anderhalve meter. Vrienden zie ik minder, grotere gezelschappen zijn taboe. Skypeborrels zijn best gezellig, maar daar is alles mee gezegd. Liever een ‘dry january’ aan de stamtafel dan jolig achter een beeldscherm staan met een glas in de hand. 

De werkende wereld heeft minder te lijden onder de nieuwe omstandigheden. Mijn collega’s zie ik dankzij de moderne beeldverbindingen meer dan ooit. De Corona-crisis vraagt met nieuwe programma’s als 'Medialogica kort' veel. Zeker met alle technische beperkingen van dit moment. Ik bewonder hun veerkracht.

De gewone man

De grootste verandering zie ik in het honderden vierkante kilometers omvattende gebied dat we Nederland noemen. Een natie begint langzaam een staat te worden. Onder de bevolking groeit een publieke moraal, het kabinet regeert met raison d’état.

Het is ook door anderen al gezegd: Mark Rutte is daar de verbeelding van. Een nationaal politicus ontwikkelt zich tot staatsman. Aan het begin van zijn premierschap is hij nog het tegendeel. Zijn kompas stelt hij in die periode af op de wensen van de zogenaamde ‘gewone man’. Het gekoketteer met deze niet bestaande persoon begint na de moord op Pim Fortuyn in 2002.

Toetsenbordterroristen, maatschappelijk teleurgestelden en extreemrechtse haatzaaiers mogen de eretitel dragen. Niet de verplegers, onderwijzers, schoonmakers, thuishulpen en alle anderen die we nu met veel reden ‘onze helden’ noemen.

Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM praat de Tweede Kamer bij over de ontwikkelingen rond het coronavirus.

Dokter des Vaderlands

Dat lijkt pure winst. Gewone vrouwen en mannen krijgen eindelijk de waardering die hen toekomt. Ook de wetenschap krijgt weer een status die een democratische rechtsstaat nodig heeft: die van vraagbaak, fundament en voorspeller. De personificatie van de laatste ontwikkeling is Jaap van Dissel, directeur infectieziekten van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne (RIVM). Met zijn kalme verschijning en zijn geruststellende vergezichten is hij in deze crisis uitgegroeid tot ‘dokter des vaderlands.’ Zo iemand hebben we niet eerder gehad.

Het is alleen te mooi om waar te zijn. Zo snel ontstaat er geen nieuwe moraal. Ook is het vroeg om Mark Rutte en Jaap van Dissel half heilig te verklaren. Rutte staat pas aan het begin van deze crisis en de infectie-baas van het RIVM lijkt nu al gezag te verliezen.

Er is namelijk een probleem met Jaap. Eind februari roept onze nationale dokter iets te enthousiast dat corona ‘maar een griepje’ is, en verwijst hij het gebruik van mondkapjes al te gemakkelijk naar de prullenbak. Het past de wetenschap om bescheiden te blijven, juist nu het voetstuk weer in zicht is. Want je zou niet willen dat een complotdenker straks met recht en reden een instituut als het RIVM aan de hoogste boom kan hangen. 

Weg met de R in RIVM!

Op de derde persconferentie van Mark Rutte afgelopen maandag is van Dissel opeens niet meer aanwezig. Dat is opvallend. Rijksinstituut RIVM maakt Rutte en zijn kabinet kwetsbaar. De fouten van dokter Jaap komen op het bord van premier Mark. 

Slimmer dan Van Dissel van het podium te jagen, zou het zijn om het RVIM onafhankelijk te verklaren van het ministerie voor Volksgezondheid. Weg met de R in RIVM. Ervoor zorgen dat ons nationale gezondheidsonderzoek écht onafhankelijk gebeurt, zoals het Robert Koch Institut (RKI) in Duitsland dat doet. Onafhankelijk van sponsors, ook als die sponsor de Rijksoverheid is. Boven iedere verdenking verheven. Dat zou pas een onomkeerbare stap vooruit zijn. Op elke vierkante meter.

Datzelfde RIVM telt vandaag overigens 166 doden.

Marc Josten, hoofdredacteur van Human, was net begonnen met het vervolg op zijn boek 'Weerwoord' (2017), een journalistiek onderzoek naar de werking van publieke opinie. Titel en motto waren al klaar: 'Medialogica. Over macht, media en manipulatie'. Als beelden het van feiten winnen. In politiek, media en bedrijfsleven. Thuis en op de werkvloer.

Maar toen brak het Corona-virus uit. Het degradeerde de onderzoeksvraag van een belangrijke hoofdzaak tot een belangrijke zaak. De nieuwe belangrijke hoofdzaak is opeens: hoe komen we met mensheid, macht en media uit deze wereldwijde crisis? Omdat er nog geen horizon in zicht is, veranderde het boek tot nader order in dit corona-dagboek: Waarheid, leugen en gezond verstand in crisistijd.