Vandaag wil ik een monumentje oprichten voor mijn journalistieke baken in tijden van corona. Ik doe het juist nu, omdat de man die tot nu toe een veel zwarter scenario schetste dan ik in mijn stoutste dromen kon denken, hoopvollere signalen begint uit te zenden. Maar daarover zo meteen meer.

Ik wil het hebben over Donald McNeil jr., wetenschapsjournalist van The New York Times. In de dagen dat viroloog Ab Osterhaus en RIVM-baas Jaap van Dissel corona nog een griepje noemen, en ik zelf nog handenschuddend en knuffelend de wereld afstruin, voorspelt McNeil al hoge sterftecijfers, isolatie en lockdowns. Het vervelende is dat zijn alarmistische scenario tot op de dag van vandaag steeds uitkomt.

Als je zijn stukken leest en zijn verhalen hoort, heb je steeds het gevoel dat je achterloopt. Ook bedrijft hij corona-onderzoeksjournalistiek die ik in Europa nauwelijks aantref. Als Donald Trump de wereldgezondheidsorganisatie WHO beschuldigt van wanbeleid ("Door hun schuld zijn zo veel doden gevallen"), concludeert hij na diepgravend onderzoek: "De WHO heeft op basis van onderzoek en cijfers oordeelkundiger en sneller op de uitbraak gereageerd dan de meeste nationale overheden."

Human-hoofdredacteur Marc Josten vraagt zich af hoe we met mensheid, macht en media uit deze wereldwijde crisis komen. Daarom houdt hij op human.nl een persoonlijk ‘medialogisch’ verslag bij tijdens de corona-crisis.

The New York Times, een baken voor hoofdredacteur Marc Josten.

Een hoog plateau

Datzelfde onderzoeksverhaal werpt ook een schaduw vooruit op de discussie die in Nederland zal losbarsten als de aanpak van de corona crisis naar verwachting onderwerp van een parlementaire enquete wordt. Die zal niet gaan over de integriteit van Mark Rutte en zijn kabinet, daar zal niemand aan twijfelen, wel over de gevolgen van een niet adequaat handelende overheid. Wie het verhaal van McNeil goed leest weet dat in Europa alleen Duitsland meteen gehoor heeft gegeven aan de oproep van de WHO om massaal te testen, met veel minder besmettingen en doden tot gevolg.

Nog steeds is het alarmisme van McNeil niet verdwenen. Wereldwijd dalen de grafieken niet; er is volgens hem eerder sprake van een hoog plateau, dat is bereikt. De lijn gaat van schuin omhoog, naar rechtdoor. Als we geen vele miljoenen doden accepteren, dan zullen we de komende jaren maatregelen moeten nemen.

Hij is zelf aanhanger van ‘de hamer en de dans-theorie’ van Tomas Pueyo. Het komt er op neer dat tijden van quarantaine (de hamer) soms versoepeld kunnen worden (de dans), soms weer aangescherpt.

Investeer in hobby's

Toch valt mij op dat McNeil in zijn laatste bijdrage aan The Daily, de nieuwspodcast van the New York Times, optimistischer klinkt. Voor het eerst vrees ik zijn gelijk niet, maar hoop ik erop. Nog steeds raadt hij iedereen aan een voedselvoorraad van een maand erop na te houden en verwacht hij dat een vaccin nog minimaal anderhalf jaar op zich laat wachten, maar er is licht aan het eind van de tunnel.

Onze wereld zal de komende jaren kleiner worden, maar volgens McNeil niet slechter. Hij verwijst naar statistieken die laten zien dat na grote crises de ongelijkheid onder mensen afneemt, de economie weer groeit en de cultuur bloeit. Zonder de Franse econoom Thomas Piketty te noemen die deze theorie met statistieken heeft onderbouwd, schetst hij de vergezichten van de Roaring Twenties na de Eerste Wereldoorlog en van het Wirtschaftswunder na de Tweede.

Nu verwacht hij ook weer vooruitgang, alleen met meer persoonlijke beperkingen. Zijn tip aan iedereen: investeer in hobby's dicht bij huis. Zelf heeft hij een vishengel aangeschaft. Aannemend dat MacNeil mij weer een stap voor is, overweeg ik om een kruidentuin aan te leggen. Hoe troostrijk zal een vers basicilumblaadje smaken als zometeen the Boring Twenties uitbreken?!

Marc Josten, hoofdredacteur van Human, was net begonnen met het vervolg op zijn boek 'Weerwoord' (2017), een journalistiek onderzoek naar de werking van publieke opinie. Titel en motto waren al klaar: 'Medialogica. Over macht, media en manipulatie'. Als beelden het van feiten winnen. In politiek, media en bedrijfsleven. Thuis en op de werkvloer.

Maar toen brak het Corona-virus uit. Het degradeerde de onderzoeksvraag van een belangrijke hoofdzaak tot een belangrijke zaak. De nieuwe belangrijke hoofdzaak is opeens: hoe komen we met mensheid, macht en media uit deze wereldwijde crisis? Omdat er nog geen horizon in zicht is, veranderde het boek tot nader order in dit corona-dagboek: Waarheid, leugen en gezond verstand in crisistijd.