Te mooi om waar te zijn

, Marli Huijer, Human Magazine

Kun je de man vergeven die jouw kind om het leven heeft gebracht? Of je vermeende verkrachter zonder dat je eerst een schuldbekentenis afdwingt? Ruimhartigheid: een prachtig woord voor een deugd die bijna bovenmenselijke eisen aan ons stelt, zegt filosoof Marli Huijer.

Column uit Human Magazine

'Tijdens de twee jaar dat ik Denker des Vaderlands was, bepaalde het thema vluchtelingen en asielbeleid vrijwel onophoudelijk de actualiteit. Mijn pleidooi voor een open houding ten opzichte van
de tienduizenden uit Syrië afkomstige vluchtelingen kwam me toen op menige boze reactie te staan.

Een heel andere reactie maakte ik mee aan het einde van mijn periode. Dat gebeurde in de watertoren in Groningen, waar ik aanwezig was bij de boekpresentatie van Een coupé verder ... Over het drama van Baflo. Het is het waargebeurde verhaal van Alasam Samarie die onder invloed van antidepressiva en na een frustrerende asielprocedure zijn vriendin doodslaat en een politieagent om het leven brengt. Samarie, de dader, en Eddy Hekman, de vader van het slachtoffer, beschrijven samen hoe het zo ver kon komen en wat er daarna gebeurt. Eddy en zijn vrouw hebben de vriend van hun dochter van meet af aan met raad en daad bijgestaan. Daarover spraken ze in de watertoren. Hun ruimhartigheid maakte diepe indruk.

Ook die gebeurtenis lijkt lang geleden. Er is een nieuwe Denker des Vaderlands, René ten Bos.
Europa heeft de opvang van vluchtelingen afgekocht in deals met landen die het met de mensenrechten niet al te nauw nemen. En in de actualiteit gaat het ineens over iets anders: seksueel grensoverschrijdend gedrag. Nu het (denkbeeldige) gevaar niet meer van buiten komt, ontdekken we een gevaar dat van binnen komt. Er zijn mannen onder ons die hun handen niet van vrouwen kunnen afhouden.'

Tekst gaat verder onder scène De Vloer Op

De Vloer Op

In de scène 't Is koud hier van De Vloer Op, doet Eva haar best om Stefan, haar verkrachter, te vergeven.

'De ene na de andere vrouw bekent te zijn lastiggevallen door mannen uit onze eigen cultuur. Daders nagelen ze via de hashtag #MeToo, krantencolumns of tv-programma’s met naam en toenaam aan de schandpaal. Machtige mannen die dachten dat ze zich alles konden permitteren, moeten beschaamd het veld ruimen. Velen juichen dat toe, eindelijk gaat de beerput open. De smeerlappen mogen niet meer met hun gedrag wegkomen.

Kun je in die sfeer van massale boosheid over aanranding en verkrachting nog net zo ruimhartig zijn als de ouders van de vriendin van Samarie?

Ruimhartigheid staat op gespannen voet met woede en wraakzucht, merkt de Amerikaanse classica en filosofe Martha Nussbaum op in haar boek Woede en vergeving. Zij maakt onderscheid tussen vergeving die zich naar het verleden buigt om via de schuldbekentenis en de spijtbetuiging tot vergiffenis te komen, en vergeving waarin je de woede laat varen en bereid bent een nieuw soort relatie met de ander aan te gaan. De eerste vergeving heeft iets verstikkends en wraakzuchtigs; de tweede, die ze ruimhartigheid noemt, is liefdevoller omdat deze geen voorwaarden stelt.

Die ruimhartige vergeving lijkt haast bovenmenselijke eisen aan ons te stellen. Je kunt toch niet verwachten dat we de woede over een verkrachting loslaten en de ander vergiffenis schenken zonder dat deze schuld bekent en zijn excuses maakt? Of dat we, zoals Eddy Hekman, bereid zijn om na doodslag op een naaste de woede achter ons te laten en een nieuw soort relatie met de dader op te bouwen? Of heeft Nussbaum gelijk en is ruimhartigheid de enige deugd die ons in staat stelt om, ondanks het kwaad dat we elkaar berokkenen, een toekomst open te houden waarin we enigszins liefdevol met elkaar verder kunnen?

Ik wil niet ontkennen dat het moeite kost daarin mee te gaan. Het is prettig dobberen op gevoelens van wraak en woede, zeker als het over aanranding en verkrachting gaat. Toch is er geen standpunt in de #MeToo-hype waarom ik zo moest lachen als dat van Dominee Gremdaat, die in een YouTube-filmpje Jelle en Gijs opriep elkaar de hand te geven. Met Jelle bedoelde hij Jelle Brandt Corstius, die enkele weken eerder op de voorpagina van dagblad Trouw bekende dat hij in het verleden tot onvrijwillige seksuele handelingen was gedwongen. Zowel Jelle als Gijs, die na enig speurwerk als de dader werd aangewezen, zijn een proces begonnen. De een wegens verkrachting, de ander wegens smaad. Wat de uitkomst ook zal zijn, beiden zullen er alleen maar op achteruitgaan.

Vandaar dat Gremdaat, het alter ego van cabaretier Paul Haenen, de twee mannen opriep terug te gaan naar het Kurhaus, de plek waar het allemaal begon. Aan de bar kunnen ze dan in alle eerlijkheid hun herinneringen aan die avond ophalen. En wellicht kunnen ze daarna naar de hotelkamer gaan om samen uit te zoeken waar het misging.

Het voordeel van die ruimhartigheid is dat het probleem voor de rest van hun leven de wereld uit is en ze qua kosten alleen de hotelkamer hebben, aldus de Dominee. Gremdaat roept niet op tot het afdwingen van een schuldbekentenis en excuses, maar tot een samen op onderzoek gaan zodat beide mannen zonder boosheid verder kunnen en, wie weet, elkaar zonder verdere voorwaarden vergeven.

Dat klinkt te mooi om waar te zijn. Maar voor het grensoverschrijdende wezen dat de mens is, is er geen betere optie om het in de toekomst met elkaar vol te houden dan de door Hekman en zijn vrouw gepraktiseerde en door Gremdaat en Nussbaum bepleite ruimhartigheid.

Toch moet je ook daar niet streng in zijn. Voorlopig vergeef ik het mezelf onvoorwaardelijk wanneer het weer eens niet lukt ruimhartig te zijn.' 

Aanvullingen en correcties Human #4, 2017

In het artikel in Human magazine #4 staat op pagina 38 een foto van appartementencomplex Le Medi. Abusievelijk wordt het De Oase genoemd. In de begeleidende tekst wordt vermeld dat Le Medi uitsluitend bevolkt wordt door autochtone tweeverdieners. Dit zijn de woorden van Metin Yildiz, de wijkagent in deze reportage. Dat behoeft een correctie. Er wonen mensen met verschillende migratie-achtergronden. Dat zijn dus niet allemaal tweeverdieners.