Doula’s van de Stad is een film die niet gaat over de doula’s zoals we ze kennen: de vrouwen die een bevalling op niet-medische wijze bijstaan. De doula’s waar theatermaker Adelheid Roosen mee in gesprek gaat zijn de vrouwen die de stad dragen, die de vaak minder gewaardeerde feminiene economie draaiende houden. We spraken Roosen over wat die feminiene economie inhoudt en waarom ervaringsdeskundigheid wél op je cv zou moeten staan.

Steeds vaker nam theatermaker Adelheid Roosen een andere economie waar. Een die zij noemt: de feminiene economie. Deze economie draait op de schouders van vrouwen die dienen als gidsen van de stad. Het werd de inspiratie voor een theatervoorstelling met tachtig van deze gidsen: de Doula's van de Stad.

Net toen de productie gestart was en Roosen de gespreksrepetities begon met deze vrouwen, brak de coronacrisis uit. Al snel realiseerde Roosen zich dat het geen mogelijkheid zou zijn rond kerst met tachtig vrouwen op de planken te staan. Nu heeft ze het repetitieproces omgebouwd naar een documentairefilm. Samen met regisseur Maasja Ooms en gespreksleider Jale Simsek stelde ze gedurende de eerste maanden van de coronacrisis in 2020 via Zoom het gesprek open voor alle vrouwen. In de herfst en winter ging ze door met zeven van hen; de uiteindelijke hoofdpersonen van Doula's van de Stad.

De vrouwen zetten zich in voor de stadswijken door slachtoffers van geweld en mishandeling te begeleiden, de zelfstandigheid van vrouwen in collectieve culturen te versterken en eenzaamheid van buurtbewoners te omarmen. Om maar een paar voorbeelden te noemen. Deze vrouwen blijken ervaringsdeskundigen, en wanneer hun persoonlijke verhalen de revue passeren is het onmogelijk om met droge ogen te blijven kijken.

Een doula ken ik als iemand die een bevalling bijstaat op niet-medische wijze. Wat zijn doula's van de stad?

"Wanneer ik door de wijken van de stad loop en die buitenkant afpel, de gebouwen, de buurthuizen, dan zie ik daaronder allemaal vrouwen. Vrouwen die moeders van de wijk zijn, of gidsen. Die als vanzelfsprekend de kinderen van de straat grissen die hulp nodig hebben, die de eenzamen vanachter hun ramen als bloemen wegplukken. Vrouwen die net meer waarnemen. Als vanzelfsprekendheid. 

In ons werkleven zijn zo veel protocollen, terwijl: zij trekken er gewoon op uit. En zeggen: 'Dan ga ik mee naar de dokter, dan ga ik mee naar een jurist of het stadhuis.' Dat is een instinct waar een ambtenaar zich voor denkt te moeten afsluiten, maar deze vrouwen draaien een economie waar zij alles voor een ander mogen doen. Dus ook aankloppen waar huiselijk geweld plaatsvindt en zeggen: 'Jongens, volgens mij kan het zo niet langer.'"

Achteraan: Dinah, middelste rij: Adelheid (l) en Nora (r), voorste rij van links naar rechts: Zainab, Darifa en Meikina.

Wie zijn jouw doula's?

"Als je de wereld als een groot schoolplein ziet, dan zie je ook dat een deel van de mensheid naar de randen wordt geduwd, zodanig dat je eraf kukelt. Daar kan ik niet tegen. Mijn doorlopende drive is: ieder mens op deze aarde hoort erbij. Dat bleek direct iets dat de doula’s en ik delen.

Gaandeweg het proces ontdekten we ook dat in ieders werk de ervaringsdeskundigheid voorop staat, het werken vanuit je autobiografie. Dus de jeugdpijn die je ervoer, als kennisbron gebruiken. Vanuit kwetsbaarheid tot levenskracht komen, is een kwaliteit om mensen mee te helpen.

In een van de sessie met de doula’s moesten we vreselijk lachen omdat we concludeerden dat je die ervaringsdeskundigheid eigenlijk op je cv moet kunnen zetten. 'Door eigen ervaring met eenzaamheid of door ervaring met een verkrachting ben ik geniaal in het herkennen van slachtoffers'."

Hoe ziet jouw ideaalbeeld van die feminiene economie eruit?

"Ik sta echt op de schouders van de eerste golf feministen, die ik zeer dankbaar ben. En toch functioneert de economie nog grotendeels vanuit mannelijke waarden. Mijn ideale economie is niemand buitensluiten, waarde toekennen door de ander echt te 'zien', en de zachte krachten toevoegen aan ons economische systeem in plaats van doorlopend gestuurd worden door aandeelhouders, groei en het grote geld.

Sinds ik mijn eigen toko run hanteer ik een dichtregel van de Franse filosofe Helene Cixous: come near, just come to me. Als de maatschappij een tram is die heel hard door de bocht vliegt, dan is die dichtregel een handvat. En ik zie dat die zin ook in het hart van de doula’s woont. Die tederheid die voorop ligt, is het uitgangspunt van hun werkwijze. En daar wilde ik een voorstelling over maken. Omdat ik wil dat deze sensitiviteit onderdeel wordt van het economisch denken."

Adelheid Roosen

"In de gesprekken met de doula’s ontdekten we tijdens het delen van onze ervaringsdeskundigheid dat het overkomen van pijn, eigenlijk de motor is van ons werk. Ik vind elke traan heldere taal. Als ik mensen, waar dan ook, zie huilen, is er niets dat ik niet snap.

En dat zijn nou net de dingen die buiten de feminiene economie vallen. Het gevoel van verdriet wordt als niet professioneel gezien. Terwijl, dat vind ik het surplus van professionaliteit. Op het moment dat iemand zo aangedaan is in een vergadering en z'n verdriet durft te tonen, is dat voor mij de hoogste vorm van beschaving. Dat is de kroon op mijn economie.”

De film zit vol met pijnlijke persoonlijke verhalen. Was het moeilijk om een balans te vinden tussen de zware en de vrolijke toon in de film?

"Nee, want vaak ontstaat de lichtheid uit de zwaarte. En wat alle doula's juist willen vertellen, is, dat zij deze pijn heel goed weten te dragen, en dat als talent inzetten. Ook door dit met mij openbaar te maken. Voor hen is dat een statement. Weliswaar kwetsbaar, maar tegelijkertijd krachtig. 

Samen met regisseur Maasja heb ik dit op zo'n andere manier gemaakt dan hoe je normaal een documentaire draait. Daar ben je na het draaien weg, maar wij gaan juist door en bouwen aan een gezamenlijk netwerk. Toen de film klaar was hebben we het met iedereen gekeken en daar een gesprek over gevoerd. Dat was wondermooi. Als iemand een passage moeilijk vond, bekeken we het nog een keer. Meikina wilde een bepaalde scène er liever niet in, dus haalde Maasja die weg. Maar daarna belde Meikina dat ze die scène er toch graag in wilde. Dus dat proces hebben we ook met de doula's samen doorgemaakt.

Met een autobiografie als motor kun je de wereld beschouwen. De ervaringsdeskundigheid is je benzine. Namens alle doula's is de belangrijkste boodschap dat je door de bewustwording van je pijn, de ander kan begrijpen, dat je door herkenning de ander erkent. En dat je bij huilen denkt: dat is vocabulaire."