Ze werkt als universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam en verdedigde daar in november 2020 aan de rechtenfaculteit haar promotieonderzoek naar de democratische legitimiteit van klimaatrechtszaken. Laura Burgers: "Ik hoop dat als Europa laat zien dat het kan, andere landen zullen volgen. Maar daar zal Europa heel hard aan moeten trekken."

Of een beter milieu volgens Burgers bij jezelf begint? Ze probeert in haar eigen leven natuurlijk wel haar voetafdruk te beperken. Vliegen voor haar werk deed ze al niet meer en conferenties bezocht ze al voor de coronacrisis per trein of online. "Maar die verantwoordelijkheid moet niet bij míj liggen," zegt Burgers. "Ik moet niet degene zijn die in een kledingwinkel moet kiezen tussen broeken die zijn gemaakt met of zonder kinderarbeid. Of in een supermarkt tussen bananen die veel of weinig uitstoot veroorzaken.

"Ik heb maar weinig macht. Het klimaat is een typisch publiek probleem en moet dus ook publiek worden aangepakt. Dat Europa met een Green Deal komt en er in allerlei landen klimaatwetten worden aangenomen is op zichzelf dan ook heel erg toe te juichen. Maar we moeten niet vergeten voor wie we het doen."

Tekst gaat door onder de foto

Laura Burgers (Den Haag, 1989).

Laura Burgers (Den Haag, 1989).

In deze uitzending van De Publieke Tribune gingen ondernemers, landbouwers en milieuactivisten in gesprek met Frans Timmermans over de uitvoerbaarheid van Europa's klimaatrevolutie. Wat vond je van het gesprek?

"De mensen op de tribune zijn degenen die Europa's plannen moeten uitvoeren in Nederland, dat is de opzet van het gesprek. Van tevoren dacht ik: alleen hen uitnodigen geeft geen goed beeld van die Green Deal. Eigenlijk wil je daar aan de ene kant ook iemand hebben zitten uit Bangladesh, die in een gebied woont dat steeds meer overstroomt. Of iemand uit Kenia, wiens kinderen door de hitte niet meer normaal naar school kunnen. Dat zijn de echte slachtoffers van klimaatverandering. Aan de andere kant zou je daar ook graag de mensen van de oliemaatschappijen willen hebben zitten, omdat dat dat de grootste bijdragers zijn aan klimaatverandering.

We hebben nu een heel belangrijk gesprek gevoerd, want dat grote doel om Europa CO2-neutraal te krijgen in 2050, zorgt in de praktijk in Nederland voor allerlei obstakels. Een praktisch gesprek over hoe je die problemen vervolgens gaat oplossen is heel belangrijk. Tegelijkertijd verlies je daardoor een beetje uit het oog voor wie je het nu eigenlijk doet. Wie zijn de grootste verliezers? En wie hebben er nou eigenlijk het meest bijgedragen aan dat probleem?"

Worden deze groepen volgens u wel voldoende meegetrokken in de plannen van Timmermans?

"Die Green Deal heeft sowieso consequenties voor iedereen. Maar feit blijft wel dat de armste mensen eigenlijk het minste bijdragen aan het probleem. Die kunnen dus ook het minst goed mee in die transitie. In Europa zien we nu wel een CO2-daling, maar die is alleen te danken aan de armere mensen in Europa. De rijkeren zijn juist meer gaan uitstoten in de lucht en op de weg."

Tekst gaat door onder de foto

Eurocommissaris Frans Timmermans via het scherm in gesprek met de gasten op de tribune.

Eurocommissaris Frans Timmermans via het scherm in gesprek met de gasten op de tribune.

Een van de ondernemers omschreef de klimaattransitie als een snelweg waar veel mensen dolgraag op zouden willen rijden, maar wat hen om verschillende redenen simpelweg niet lukt.

"De mensen die langs die snelweg blijven staan, zijn dus inderdaad die armere mensen die al helemaal niet het meest hebben bijgedragen aan het hele klimaatprobleem."

Maar als de grootte van de beurs dus bepalend is om mensen mee te krijgen in die transitie, hebben die ambitieuze doelen in de Green Deal dan wel de slagkracht om voldoende handen op elkaar te krijgen?

"Die Green Deal is er wel degelijk om ook die mensen mee te krijgen. Maar het mooie aan dit gesprek in De Publieke Tribune was dat er ook concrete beleidsvoorstellen werden gedaan aan Frans Timmermans, waar hij vervolgens weer heel open op reageerde."

In uw promotieonderzoek heeft u zich verdiept in de democratische legitimiteit van klimaatrechtszaken. Hoe belangrijk zijn die rechtszaken?

"Dat zijn zaken die worden aangespannen tegen bijvoorbeeld overheden of grote bedrijven. De aanspanners proberen af te dwingen dat die overheden en bedrijven iets doen tegen klimaatverandering. Ondanks dat die rechtszaken niet altijd slagen, zijn ze wel vaak erg spraakmakend. Denk maar aan de Urgenda-zaak, waarin de Nederlandse staat voor de rechter werd gedaagd.

Dit jaar komt in België ook eindelijk een klimaatzaak voor de rechter, dat tot allerlei debat heeft geleid. Of denk aan die Peruaanse boer die een paar jaar geleden tegen een Duits energiebedrijf ging procederen, omdat door smeltende gletsjers bij hem de boel overstroomde. Omdat het een groot bedrijf was en hij een dam moest bouwen, wilde hij geld zien. Dat is zo’n tot de verbeelding sprekende zaak. Behalve dat die zaken eraan kunnen bijdragen dat er echt tot actie wordt overgegaan door grote bedrijven, zijn ze ook een middel om die bewustwording te vergroten."

Tekst gaat door onder de banner

Is dat besef wat u betreft voldoende aanwezig?

"Ik vond het interessant dat juist een van de melkveehouders (Rob van Ginneken, red.) in het gesprek noemde dat we moeten oppassen met hier onze landbouwproductie afbouwen, om vervolgens producten te importeren vanuit India die een grotere voetafdruk hebben. Dat is een reëel probleem. En eerlijk is eerlijk, welke wetgeving je ook optuigt, het is best moeilijk om het werkend te maken zonder dat je uiteindelijk toch weer de Europese boer aan het benadelen bent.

Maar het klimaatprobleem is een probleem van ongeëvenaarde proporties en van existentieel belang. Het mooie aan klimaatrechtszaken is dat niet alleen de mensen die aan tafel zitten worden vertegenwoordigd, maar juist ook toekomstige generaties en de natuur."

Hoe worden die daar dan in betrokken?

"De term 'toekomstige generaties' is echt een juridische. Het concept 'duurzame ontwikkeling' wordt gedefinieerd met ontwikkeling die goed is voor huidige generaties én goed is voor toekomstige. Het Parijs-akkoord spreekt bijvoorbeeld ook van intergenerational equity, dus: eerlijkheid tussen generaties. Hoe je dat dan vervolgens gaat vertalen is uiteraard weer een tweede. In de filosofie zijn daar heel vergaande voorstellen voor gedaan. Bijvoorbeeld een Derde Kamer met mensen die toekomstige generaties vertegenwoordigen en alle wetsvoorstellen zouden kunnen vetoën als ze niet future proof zijn.

Zover gaat het in werkelijkheid nog niet, maar sommige landen hebben al wel heel leuke oplossingen bedacht. In Wales is er bijvoorbeeld een commisioner for future generations, bij wie de wetgever alle wetsvoorstellen op toekomstbestendigheid moet verantwoorden. In Finland hebben ze ook zo’n generatiecheck in de wetgevingsprocedure ingebouwd. Duitsland kent een Parlamentarischer Beirat für nachhaltige Entwicklung.

Voor dit soort initiatieven wordt ook in Nederland al gepleit, maar het probleem bij al deze instituten is dat ze geen bindende kracht hebben. In Hongarije, wat verder niet het meest democratische land in Europa is, hebben ze nu wel een ombudsman voor toekomstige generaties. Die kan rechtszaken beginnen bij het Hongaarse constitutionele hof, wanneer wetgeving niet grondwettelijk is omdat toekomstige generaties in het geding komen."

Tekst gaat door onder de banner

Er wordt wel eens gezegd dat we het klimaatprobleem net zo moeten aanpakken als een Deltaplan, of desnoods als Marshallhulp. Is het niet wat makkelijk om te zeggen: er moet gewoon meer geld komen en dan zijn we er?

"Dat is heel makkelijk om te zeggen. Maar het is heel moeilijk om het te doen. En het is wel echt wat nodig is, dat blijkt ook uit het gesprek in De Publieke Tribune. Iedereen wil wel, maar velen lopen tegen obstakels aan. Daar hebben ze meer geld voor nodig."

Wat zijn we volgens u opgeschoten met dit gesprek?

"Ik vind het sowieso heel positief om te praten, omdat ik echt denk dat dát de essentie is van een democratie. Wat mij betreft is democratie niet alleen stemmen voor iemand die in het parlement dingen voor je gaat oplossen. Het is juist dat je je voortdurend gaat mengen in het publieke debat, wat vervolgens ook weer bijdraagt aan tussentijds bijsturen waar die politici heen gaan. Dit soort gesprekken tussen burgers en politici zijn denk ik dan ook heel erg waardevol."