Roxana

Roxana Mirzarbandi (27) komt uit Iran en vertrok als politiek vluchteling acht jaar geleden naar Nederland. Ze studeert in Utrecht.

Wat studeer je?
Ik studeer Liberal Arts & Sciences. Mijn afstudeerrichting is neurowetenschappen, met een minor psychologie. Ik ben gefascineerd door hoe het menselijk lichaam werkt. Sinds mijn negende wil ik al chirurg worden zodat ik de menselijke gezondheid kan verbeteren. Mijn studie liet me toe om een multidisciplinaire kijk te hebben op het lichaam en verschillende ziektes. Ik kan mijn studie in de geneeskunde en neurowetenschappen voortzetten, waar ik zou kunnen bijdragen aan het verbeteren van de kwaliteit van leven van mensen.

Werk je naast je studie?
Soms voelt het alsof ik een dubbelleven leid, want ik ben fulltime student, maar ik doe in mijn vrije tijd ook vrijwilligerswerk voor de Niet-Gouvermentele Organisatie Stichting de Vrolijkheid. Daar maak ik onder andere tijdschrijften voor meisjes die in een asielzoekerscentrum wonen. We hopen ze daarmee op te vrolijken.

Hoe inspireert je studie jou?
De interdisciplinaire benadering van mijn studie heeft me geleerd om problemen vanuit verschillende perspectieven en lagen te begrijpen. Het heeft mijn analytisch denken verrijkt en me geholpen veel persoonlijke vaardigheden te ontwikkelen. En dat heeft weer bijgedragen aan een recent nationaal onderzoek dat ik deed naar de levensomstandigheden van kinderen en jongeren in asielzoekerscentra en gezinslocaties met betrekking tot kinderrechten. 

Zowel mijn studie als mijn vrijwilligerswerk hebben mij laten inzien wat ik het meest waardeer in mijn leven. Ik hoop dat ik op een dag zowel mijn academische werk als vrijwilligerswerk kan combineren.

Hoe kijk je terug op je leven in Iran?
In Iran had ik nooit het gevoel ergens bij te horen. Ik wilde gewoon een ‘normaal’ leven leiden en de macht hebben over mijn eigen leven. Mijn waarneming van thuis is inmiddels, sinds ik in Nederland woon, veranderd. Hier heb ik meer vrijheid, maar ik ben ook gestopt met het zoeken naar het gevoel ergens bij te horen. In plaats daarvan waardeer ik de dierbaren om me heen. Misschien kan ik niet dichter bij mijn thuisvoelen komen dan dat.