Hoe kunnen ethiek en moraal bijdragen aan de
persoonlijke zin- en vormgeving van het leven? Hoe `vertaal' je als het ware de theorie
van het humanisme (de ethische en de morele dimensie) naar de praktijk van het leven (de
existentiële ofwel `bestaans'-dimensie)?
Verstand en gevoel
Wie zich bepaalde ethische opvattingen eigen maakt en er
werkelijk waarde aan hecht, kan daaruit inspiratie putten om op een bepaalde wijze te
handelen en daar vervolgens bevrediging in vinden. Dit kan bij de een de vorm aannemen van
deelname aan een actiegroep of politieke partij, bij een ander die van het streven om in
het alledaagse leven, of men zich nu in de rol van directrice of huisman bevindt, het
`goede' te doen. Ieder kiest een eigen weg.
Maar hiermee wordt de reikwijdte van de existentiële
dimensie nog onvoldoende weergegeven. Die gaat veel verder dan de vraag of men zich door
een ethisch ideaal geïnspireerd voelt. Een stelsel van waarden en normen kan mensen een
oriëntatiekader bieden voor hun handelen, maar biedt op zichzelf nog geen garantie dat
men het leven ten volle kan aanvaarden.
Dan is immers een aantal andere aspecten even
doorslaggevend: of men zich door anderen voldoende erkend en begrepen voelt, of men in
staat is te leven met onvermijdelijke twijfels en teleurstellingen, of men in het leven
voldoende uitdaging vindt en ten slotte... of men uiteindelijk bereid is van dat leven
afscheid te nemen.
Hier wordt het kruispunt van denken en voelen geraakt.
Waarbij men zou kunnen zeggen dat het voelen kleur geeft aan het denken, terwijl het
denken diepgang geeft aan het voelen. Voorzover denken en doen als een samenhangend geheel
worden ervaren, zou men kunnen spreken van `levenskunst' of `levensstijl'.
De discussievraag bij deze uitzending
luidt: "Welke kenmerken
bij een humanistische levensstijl vindt u het belangrijkst en waarom?"