Dus ik ben op: home ›› meedenker ›› ivo van hilvoorde

Meedenker uitgelicht

Ivo van Hilvoorde

Ivo van Hilvoorde

Ivo van Hilvoorde is als sportfilosoof verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam, als lector aan de School of Human Movement & Sport en als gelieerd onderzoeker aan het W.J.H. Mulier Institute - Centre for Research on Sports in Society. 

In zijn werk houdt hij zich bezig met filosofische, historische en pedagogische vragen op het terrein van sport en bewegingsonderwijs.

  • 16 november 2011

    Ik speel, dus ik ben

    Waarom dit beeld?
    Deze foto's zeggen iets over politieke situatie, onderwijs, sport en spel in verschillende landen. Op de foto's is een duidelijk contrast te zien tussen twee andere benaderingen van sport.
    Wat zie je? Vertel…
    Het meisje op de linkerfoto heeft plezier. Ze gaat zo op in haar handeling dat ze zichzelf vergeet en ze wordt een met haar omgeving. Misschien heeft ze dit nog nooit gedaan en overstijgt ze zichzelf en creëert ze een eigen wereld.
    Op de rechterfoto zie ik een wereld die is overgenomen door een volwassen idee van presteren. De kinderen zijn zich bewust van hun lichaam en van wat ze kunnen. Er is voor deze kinderen bepaald wat ze moeten worden of zijn. Ze moeten bevelen opvolgen en ze passeren zichzelf niet zoals het meisje omdat ze zich concentreren op presteren. Het sporten wordt een vorm van arbeid.
    Jij koos dit beeld, wat zegt het beeld over jou?
    Ik ben zelf erg geïnteresseerd in sport, maar ook in ethiek en grenzen opzoeken. Hoe bepaal je waar grenzen liggen? Wanneer is het nog een autonome wens om de top in een sport te bereiken of wanneer word je gedreven door een samenleving die dat van je eist? Sport kan misbruikt worden door landen en door ouders.
    Wat zegt dit beeld volgens jou over onze samenleving?
    Prestaties worden steeds belangrijker. We hebben jarenlang een soort 'zesjescultuur' gehad. Dat is niet meer de norm en sport wordt een voorbeeld: kijk eens wat mensen uit zichzelf kunnen halen. We verlangen steeds meer van elkaar en jagen elkaar op om te presteren. Sportmedailles halen wordt steeds meer een prestige.
    Nederland wil zich meer laten gelden op sportgebied. Het wil de Olympische Spelen in 2028 organiseren. Dat is een lang traject dat heel veel geld gaat kosten. Nederland wil dan in de top-10 van het medailleklassement komen. Er is steeds meer druk om kinderen zo vroeg mogelijk in een sport te laten opgaan, om te kijken welke kinderen talent hebben. Ons land moet zich afvragen hoe ver we daarin willen gaan.
    Welke vraag, welk dilemma, roept dit beeld op over ons mens-zijn?
    Hoe belangrijk maken we topprestaties? Hoeveel belang hechten we nog aan het spelelement, het autotelische als de sport zijn eigen werkelijkheid schept? Waar moet de grens liggen tussen de kinderlijke en volwassen wereld? Hoe lang mag een kind nog een kind zijn?
    Ik …, dus ik ben.
    Ik passeer mijzelf, dus ik ben (of ik speel, dus ik ben)

    alt alt

    Foto links: door Martijn Beekman (Hollandse Hoogte)
    Foto rechts: Reuters

    Sportfilosoof Ivo van Hilvoorde bespreekt voor 'Dus ik ben' twee foto's die iets zeggen over een andere benadering van sport. Op de linkerfoto ziet hij sport als een spel, op de rechterfoto sport als vorm van presteren. "Wanneer is het nog een autonome wens om de top in een sport te bereiken en wanneer word je gedreven door een samenleving die dat van je eist?"

    Waarom dit beeld?
    "Er is een duidelijk contrast te zien tussen twee benaderingen van sport. Deze foto's zeggen iets over de politieke situatie, onderwijs, sport en spel in verschillende landen."