'De beleving van seksualiteit hoort binnen een huwelijk tussen man en vrouw'

Debat over homoseksualiteit in het onderwijs. Bookmark and Share

Spelregels
- Toon respect voor andersmans mening;

- De reactie moet betrekking hebben op de inhoud van het debat;

- Reageer met korte bondige teksten;

- Racistische teksten of ander haatzaaiend materiaal wordt verwijderd;

- Speel niet op de man.

De beleving van seksualiteit hoort binnen een huwelijk tussen man en vrouw, stelt Johan Quist, directeur van de stichting RefoAnders, een organisatie voor reformatorische homo’s.

Goede voorlichting over homoseksualiteit op scholen is van belang. Dat maakt de als 'heftig en schokkend' ontvangen documentaire 'Help! Een homo in de klas' duidelijk, die HUMAN op 13 december uitzond.

In de film van Doesjka van Hoogdalem en Claudia van Deudekom worden voorlichters van het COC een jaar lang gevolgd en is te zien hoe middelbare scholieren denken over homoseksualiteit.

In het onderwijs blijkt homoseksualiteit een gevoelig onderwerp. In het bijzonder onderwijs geldt dat nog sterker.

De beleving van seksualiteit hoort binnen een huwelijk tussen man en vrouw, stelt Johan Quist, directeur van de stichting RefoAnders, een organisatie voor reformatorische homo’s.

Quist: "Een leraar op een orthodox christelijke school die tot de conclusie komt dat hij homogevoelens heeft en daarbij ook een praktiserende homorelatie aan wil gaan, zal moeten beseffen dat hij niet meer oprecht kan functioneren op deze school."

Johan Quist is de vijfde meedenker over homoseksualiteit in het onderwijs, na Claudia van Deudekom, Peter van Dijk, Neddo Siebum en Andrée van Es.

HUMAN zond de film uit op maandag 13 december om 23 uur op Nederland 2. Bekijk 'Help! Een homo in de klas' online. Bij de film hoort een DocBlog waarop de voorlichters hun ervaringen delen.

Meedenkers

'De beleving van seksualiteit hoort binnen een huwelijk tussen man en vrouw'

Johan Quist, orthodox christelijk voorlichter

Johan Quist, orthodox christelijk voorlichter

Directeur RefoAnders

Homoseksualiteit is een privézaak. Daar hoeft op school geen aandacht voor te zijn.
"Seksuele gevoelens zijn inderdaad geen publiek terrein, maar vormen het mooiste en persoonlijkste cadeau dat je aan je levenspartner kunt geven. Seksualiteit dient wel in de totale breedte behandeld te worden op school: heteroseksualiteit, homoseksualiteit en transseksualiteit. De aandacht voor homoseksualiteit gaat over het gevoelsleven van mensen die gericht zijn op hetzelfde geslacht en de vragen en problemen die dat voor orthodoxe christenen meebrengt.

De beleving van seksualiteit hoort binnen een huwelijk tussen man en vrouw. Dat doet niets af aan het respect dat je hebt voor een man met gevoelens voor een man of voor een vrouw bij een vrouw. Orthodoxe christenen maken onderscheid tussen gevoelens en handelen. Je kunt iemand respecteren in zijn gevoel en zijn handelen afkeuren. De gevoelens van een pyromaan kan ik me respecteren, zijn daden echter niet.

Er zijn scholen die geen voorlichting van het COC willen omdat hun moraliteit niet strookt met de orthodox christelijke grondslag van die scholen. Vandaar dat RefoAnders dat vanuit een op deze scholen aansluitende grondslag gaat doen. We zijn benaderd door het Calvijn College in Zeeland voor voorlichting over homoseksualiteit en begin volgend jaar starten we met voorlichting op scholengemeenschap Guido de Bres in Amersfoort."

De wet moet zodanig aangepast worden dat orthodoxe scholen homoseksuele docenten niet meer kunnen weigeren.
"Geen enkele school mag iemand weigeren om zijn gevoelsleven, leraren noch leerlingen. Maar scholen hebben wel een grondslag en leraren die daar werken zijn voorbeeldfiguren.

Op een orthodox christelijke school die uitdraagt dat het praktiseren van seksualiteit alleen binnen het huwelijk van man en vrouw behoort, zullen leerkrachten die op deze school willen werken dit ook moeten uitdragen. Wanneer onverhoopt een leraar op een orthodox christelijke school tot de conclusie komt dat hij homogevoelens heeft en daarbij ook een praktiserende homorelatie aan wil gaan dan zal hij moeten beseffen dat hij niet meer oprecht kan functioneren op deze school."

U bevestigt net dat homoseksualiteit een privézaak is. Hoe kan een school zich daarin dan mengen?
"Anders zijn als school je woorden over seks binnen het huwelijk tussen man en vrouw niet geloofwaardig. Iedereen ziet binnen een gemeenschap dat een leraar samenwoont met iemand van hetzelfde geslacht. Dat roept vragen op.

Het is geen discriminatie. Als je scholen verhindert een visie volgens een christelijke grondslag uit te dragen, discrimineer je dan ook niet? Ouders maken een vrije keuze voor een school met een bepaalde grondslag en doen dit bewust.

De motie om de wet aan te passen die D66 heeft ingediend, vind ik behoorlijk anti-christelijk. De partij biedt weinig ruimte voor christelijke waarden. Dat is triest en weinig respectvol naar andere levensovertuigingen. Ik draag die visie zelf uit, met homogevoelens (Quist is getrouwd en heeft met zijn vrouw vijf kinderen red.). Je kunt zelf kiezen hoe je het leven invult en of je gevoel en praktiseren scheidt. Die scheiding is niet kunstmatig maar ingegeven door morele waarden. De opvatting dat dit verschil kunstmatig zou zijn, komt uit de seculiere hoek."

Sommige jongeren komen in de film met ontzettend heftige reacties als 'ik maak je dood' en 'homoseksualiteit is een ziekte'. Wat voor rol spelen het geloof en de puberteit bij die reacties?
"Ik denk dat het in de puberteit, een periode dat jongeren onzeker zijn over zichzelf, vrij normaal is dat ze heftig reageren. Groepsdenken speelt ook mee, zonder goede begeleiding zal dit vaak zwart-wit denken zijn.

Ons orthodox christelijk geloof leert ons anders te denken. Zij roept niet op tot doodslag en leert ons niet dat homoseksualiteit een ziekte is. Geloof zet ons naast de ander en verheft ons niet boven hem."

Ouders spelen volgens PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch een belangrijke rol bij homovoorlichting. Als zij hun kind een basis voor intolerantie meegeven, wordt de drempel tot geweld lager.
"Ouders moeten inderdaad hun kinderen niet voorgaan in intolerantie. Het hangt er vanaf hoe de opvoeding thuis is: is die wettisch (star, heel strikt volgens het geloof) of gaat die uit van een liefdevol geloof?

In de islam wordt veel nadruk gelegd op respect. Het schenden hiervan is zeer kwalijk in dat geloof. In het christendom ligt de nadruk op liefde en dat biedt ruimte om de ander te respecteren. Misschien zou de islam iets meer aandacht voor liefde moeten hebben en het christendom iets meer aandacht voor respect."

Sommige leerlingen durven zich in de film niet uit te spreken. Schooldirecteuren hebben de touwtjes in handen voor een veilig, homovriendelijk klimaat.
"Schooldirecteuren zijn inderdaad mede verantwoordelijk voor de sfeer op school. In breder verband zijn zij verantwoordelijk voor een mensvriendelijk klimaat. Niet alleen degene die homogevoelens heeft, moet zich veilig voelen, maar ook de jongen die wat te dik is of rood haar heeft. Mensen moeten respectvol en liefdevol met elkaar omgaan."

'Religie heeft een negatief effect op opvattingen over homoseksualiteit'

Andrée van Es, wethouder

Andrée van Es, wethouder

Wethouder diversiteit en integratie in Amsterdam

Andrée van Es, wethouder diversiteit en integratie in Amsterdam, vindt 'Help! Een homo in de klas' een ongelooflijk indrukwekkende film. "Ik heb groot respect voor het incasseringsvermogen van de COC-voorlichters en ik ben ervan overtuigd dat voorlichting werkt en kinderen hier na een bezoek met elkaar over doorpraten."

Iedereen moet zichzelf kunnen zijn en zich thuis kunnen voelen, zei de wethouder bij de première van de film. "Mensen moeten beschermd worden in Amsterdam." In dezelfde week werd bekend dat een lesbisch paar zich gedwongen ziet te verhuizen na geslagen, bespuugd en uitgescholden te zijn, berichtte het Parool.

Van Es: "Burgemeester Van der Laan is op bezoek geweest bij het stel. Ik kan me voorstellen dat ze terugkomen op hun besluit. Ik verwacht dat we daar als gemeente veel steviger in worden. We staan vierkant achter deze vrouwen, steunen hen en de daders moeten opgepakt worden."

Sommige jongeren komen in de film met uitspraken als 'ik maak je dood' en 'homoseksualiteit is een ziekte'. Hoe komt het dat homoseksualiteit zulke heftige reacties oproept?
"Tachtig procent van de homo’s zegt dat de puberteit een slechte tijd is om uit de kast te komen, blijkt uit onderzoek. Blijkbaar is het van alle tijden dat die periode zich voor leerlingen slecht leent om over (homo)seksualiteit te praten. De puberteit is een periode die met onzekerheid gepaard gaat.

Homoseksualilteit roept ergernis, afkeuring en walging op bij jongeren, weten we uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam. Ze denken bij homoseksualiteit aan anale seks, vrouwelijk gedrag, zichtbaarheid van homo’s en de angst om door een homo versierd te worden."

Wat voor rol speelt het geloof daarbij?
"Ook religie, zowel het christendom als de islam, heeft een negatief effect op de opvattingen over homoseksualiteit. In het bijzonder van de mensen die godsdienst actief beleven: 40 procent van de moslimjongeren, 13 procent van de christelijke en 3 procent van de niet-religieuze jongeren heeft moeite met homoseksualiteit. Belangrijk is daarbij wat je van huis uit meekrijgt. Seksualiteit is in sommige gevallen taboe, daar gaat het thuis nooit over homoseksualiteit."

Ouders spelen volgens PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch een belangrijke rol bij homovoorlichting. Als zijn hun kind een basis voor intolerantie meegeven, wordt de drempel tot geweld lager.
"Dat kun je alleen maar met hem eens zijn. Als ik in de stad gesprekken over homofobie voer, beschrijven dertigers en veertigers vaak dat er thuis niet over seks en alleen negatief over homoseksualiteit werd gesproken. Zij doen dat heel anders met hun kinderen, zij zijn de voorvechters door thuis wel met hun kinderen over (homo)seksualiteit te spreken.

Er is ook een groep die zegt dat je ouders daar niet mee lastig moet vallen, maar ik denk dat het ontzettend belangrijk is. Tegelijkertijd vind ik dat scholen een belangrijke rol hebben. Dat is de plek waar je alle kinderen kunt bereiken."

Sommige leerlingen durven zich in de film niet uit te spreken over homoseksualiteit omdat ze zich onveilig voelen op school en bang zijn voor andere leerlingen. Schooldirecteuren kunnen hier wat aan doen en hebben de touwtjes in handen voor een veilig, homovriendelijk klimaat.
"Het is belangrijk dat een school consequent maatregelen treft voor een homovriendelijk klimaat. De mogelijkheid vroeg uit de kast komen heeft een gunstig effect op het psychisch welbevinden van lesbische meisjes en homoseksuele jongens."

Homoseksualiteit is een privézaak. Daar hoeft op school geen aandacht voor te zijn.
"Scholen die bang zijn door aandacht voor homoseksualiteit minder aanmeldingen te krijgen, botsen met het beleid van de stad Amsterdam om homofobie te bestrijden. Mijn collega’s en ik gaan scholen ondersteunen die moeite hebben om over dit onderwerp te praten. Op die scholen zijn leerlingen gedwongen in hun eentje met problemen te blijven zitten en ongelukkig te zijn. De vraag is wat er nog meer niet bespreekbaar is. We willen langs komen om in gesprek te gaan over de reden dat ze geen voorlichting willen geven, hoe ze het vak burgerschap invullen en hoe ze een veilig klimaat voor alle leerlingen creëren."

De wet moet zodanig aangepast worden dat orthodoxe scholen homoseksuele docenten niet meer kunnen weigeren.
"Seksuele voorkeur staat op het lijstje van zaken op grond waarvan je niet mag discrimineren. Bovendien mogen religieuze opvattingen geen basis zijn voor discriminatie. De 'enkele feit-constructie' in de Algemene wet gelijke behandeling die dit mogelijk maakt, lijkt op de don't ask, don't tell-constructie voor homo's in het Amerikaanse leger. Dat is geen goed voorbeeld. Het is een proces, dat niet van de ene op de andere dag geregeld is, net zoals het een lange tijd geduurd heeft tot het homohuwelijk geregeld was."

'Onbekendheid maakt homo’s tot een makkelijk doelwit'

Neddo Siebum, scholier

Neddo Siebum, scholier

Oprichter van de Gay Straight Alliance

Niet op alle scholen is de sfeer rond homoseksualiteit negatief. Dat blijkt uit het verhaal van Neddo Siebum (17). De zesdejaars leerling van het Vossius Gymnasium in Amsterdam is homoseksueel en op zijn school de oprichter van de Gay Straight Alliance.

Dat is een groep leerlingen die samen hebben besloten dat ze een veilige omgeving willen creëren voor iedereen in school, ook voor homo’s, lesbo’s en biseksuelen. Met resultaat: "Het heeft erin geresulteerd dat er nu zeven leerlingen uit de kast zijn, die compleet geaccepteerd en een stuk gelukkiger zijn dan voorheen."

Sommige jongeren komen in de film met uitspraken als 'ik maak je dood' en 'homoseksualiteit is een ziekte'. Hoe komt dat homoseksualiteit zulke heftige reacties oproept?
"Mijn ervaring is dat leerlingen zich afzetten tegen alles wat anders is. Dat helpt je als puber je eigen identiteit te ontwikkelen en soms leidt het tot heftige reacties. Om je te profileren, helpt het om duidelijk te maken dat je geen homo bent. Ook is er veel onbekendheid met homoseksualiteit, iedereen is hetero of doet alsof ze dat zijn. Dat maakt homo's een makkelijk doelwit om je op te richten."

Heb je dit zelf ook wel eens meegemaakt op school of elders?
"Op mijn school, het Vossius Gymnasium in Amsterdam, waar ik voorlichting over homoseksualiteit geef, kom ik dat soort reacties niet tegen. Het is een politiek correcte school en soms voel ik dat mensen iets anders denken dan ze zeggen. Om discussie los te maken, neem ik daarom soms expres een wat steviger stelling in. Als leerlingen zeggen dat ze geen probleem hebben met homo’s en hen niet als anders zien, zeg ik: sommige homomannen zie ik vrouwelijker gedrag vertonen dan heteromannen. Vaak worden leerlingen daardoor wat losser."

Ouders spelen volgens PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch een belangrijke rol bij homovoorlichting. Als zij hun kind een basis voor intolerantie meegeven, wordt de drempel tot geweld lager.
"De opvoeding thuis speelt een grote rol bij opvattingen over homoseksualiteit. Mensen baseren hun mening vooral op hun ouders en gaan dat als basis zien. Vandaaruit bouwen ze een eigen identiteit op. Als je in een intolerante omgeving opgroeit, is het moeilijk die basis om te buigen."

Sommige leerlingen durven zich in de film niet uit te spreken over homoseksualiteit omdat ze zich onveilig voelen op school en bang zijn voor andere leerlingen. Schooldirecteuren kunnen hier wat aan doen en hebben de touwtjes in handen voor een veilig, homovriendelijk klimaat. Hoe gaat dat bij jou op school?
"School heeft een heel belangrijke rol in een veilig, homovriendelijk klimaat. Leraren bij ons op school zeggen: je mag zijn wie je bent en zeggen wat je wilt, zolang je de ander respecteert. Daarbij kom je soms verschillen tegen en ontwikkel je respect voor andere meningen.

Mijn vrienden wisten het al langer, maar voor de rest van de school ben ik op mijn vijftiende uit de kast gekomen. Ik was de eerste die dat op school volledig deed. Aansluitend bij de voorlichters van het COC ben ik ook voorlichting gaan geven in de klas. We zijn begonnen met een Gay Straight Alliance, een groep leerlingen die samen hebben besloten dat ze een veilige omgeving willen creëren voor iedereen in school, ook voor homo's, lesbo's en biseksuelen. Het heeft erin geresulteerd dat er nu zeven leerlingen uit de kast zijn gekomen, die compleet geaccepteerd en een stuk gelukkiger zijn dan voorheen."

Homoseksualiteit is een privézaak. Daar hoeft op school geen aandacht voor te zijn.
"Dat klinkt als een excuus om het er niet over te hebben. Het gaat niet alleen over een vriendje of vriendinnetje hebben of over seksuele voorlichting. Als wij homoseksualiteit op school bespreken, gaat het over zaken als tolerantie, veiligheid, een goede sfeer, acceptatie en antidiscriminatie. Aandacht daarvoor is zeker geen privéaangelegenheid. De sfeer moet voor iedereen goed zijn, dus ook voor homo’s."

De wet moet zodanig aangepast worden dat orthodoxe scholen homoseksuele docenten niet meer kunnen weigeren.
"Het gaat om confessionele scholen die homoseksualiteit strijdig vinden met hun grondslag. Het is op zichzelf mooi dat iedereen de individuele vrijheid heeft om zijn eigen leven in te richten en dat geldt ook voor het bijzonder onderwijs. De vrijheid van het individu stopt echter waar die de vrijheid van een ander beperkt.

De bepaling dat homoseksualiteit niet bij de schoolgrondslag past, tast het gelijkheidsbeginsel en non-discriminatiebeginsel aan, zoals in artikel 1 van de Grondwet staat. Ik denk dat artikel 1 boven de godsdienstvrijheid staat, dus dat leidt tot aanpassing van de wet. Bovendien denk ik dat gelovigen ook niet zouden willen dat homoseksuelen hen zouden weigeren vanwege hun geloof."

'Homoseksuele docenten worden soms openlijk uitgescholden'

Peter van Dijk

Peter van Dijk

Voorzitter AOb Roze

Op elke school in Nederland zou je als leerling en leraar uit de kast moeten kunnen komen. Toch is dit niet het geval, stelt Peter van Dijk, voorzitter van AOb Roze, de belangengroep van lesbische en homoseksuele docenten van de Algemene Onderwijsbond. "Het aantal leerlingen dat tijdens hun schooltijd uit de kast komt, is veel kleiner dan het aantal dat in die periode de eigen identiteit ontdekt."

Ook veel leraren vinden het te onveilig om hun leerlingen te vertellen dat ze homo of lesbisch zijn. "Op de ene school wordt de docent openlijk door de leerlingen erop aangesproken of uitgescholden. Op de andere school gebeurt het meer onderhuids: pesterijtjes, zogenaamde 'grapjes', lelijke verhalen over de docent verspreiden en ouders die bij de schoolleiding klagen. Gelukkig zijn er ook scholen waar de situatie beter is, maar op teveel scholen is dit niet het geval."

Sommige jongeren komen in de film met ontzettend heftige reacties als ‘ik maak je dood’ en ‘homoseksualiteit is een ziekte’. Hoe komt het dat homoseksualiteit zulke heftige reacties oproept? Wat voor rol spelen het geloof en de puberteit daarbij?
"De puberteit het is een periode waarin leerlingen vaak heel zwart-wit denken. Voor sommigen is homoseksualiteit iets vreemds, onbegrijpelijks en daarom helemaal fout. Anderen zijn zichzelf aan het ontdekken, waarbij ze soms onzeker zijn over hun eigen gevoelens, maar willen aan hun vrienden hoe dan ook duidelijk maken dat zij met iets dergelijks niets te maken willen hebben.

Weer anderen kennen homo's uitsluitend als scheldwoord. Soms weten ze absoluut niet wat het inhoudt, maar menen wel dat het ‘verkeerd en vies’ is. Dit komt allemaal zowel bij gelovige als ongelovige jongeren voor.

Daarnaast groeien sommige kinderen op in een religieus milieu waarin homoseksualiteit sterk veroordeeld wordt. Dat kan een islamitische cultuur, maar ook een (orthodox) protestants-christelijke of katholieke cultuur zijn. Deze jongeren zullen sneller geneigd zijn om homoseksualiteit en dus ook homo's te veroordelen."

Ouders spelen volgens Ahmed Marcouch een belangrijke rol bij homovoorlichting. Als zij hun kind een basis voor intolerantie meegeven, wordt de drempel tot geweld lager.
"Het heeft een groot effect op kinderen als ouders het verkeerde voorbeeld geven in schelden op homo's, intolerantie naar andere mensen of het uitsluiten van groepen mensen. Mentorlessen om leerlingen ero te wijzen de verschillen tussen mensen te respecteren, hebben dan meestal niet het gewenste effect. Het enige dat scholen kunnen doen, is consequent duidelijk maken dat intolerantie en geweld op geen enkele wijze geaccepteerd wordt.

Schoolleidingen en docenten gaan er te vaak vanuit dat een dergelijke regel algemeen bekend en soms zelfs geaccepteerd is. Ze realiseren zich niet dat leerlingen soms in gezinnen met heel andere gedragscodes opgroeien en dat het dus noodzakelijk is om dergelijke regels regelmatig te communiceren en de handhaving ervan te bewaken."

Sommige leerlingen durven zich in de film niet uit te spreken. Schooldirecteuren hebben de touwtjes in handen voor een veilig, homovriendelijk klimaat.
"Als leerlingen of docenten zich niet durven uit te spreken, is dit een belangrijk teken: dan is het klimaat op school onveilig. Iedereen die in het onderwijs werkt, weet dat bij pesten de 'middenmoot' van mensen bepaalt of het pesten tot norm wordt verheven. Zodra andere leerlingen niet willen of durven op te treden, zijn de 'rapen gaar' en is er sprake van een onveilig klimaat waarin mensen gepest en gediscrimineerd worden. Het gaat daarbij nooit om uitsluitend het pesten van homo's. In een onveilig klimaat loopt iedereen de kans om het (volgende) slachtoffer te zijn.

Een schoolleider moet in een dergelijke situatie snel ingrijpen en met zijn team aan de slag gaan om de veiligheid terug te brengen. Een schooldirecteur, die denkt dat de situatie 'opgelost' is als de homoseksuele docent vertrekt, heeft werkelijk niets van veiligheid begrepen en kan er op rekenen dat zich snel daarna een nieuw pestprobleem voordoet.

Gelukkig zijn er ook schooldirecteuren die zich in veiligheidsbeleid een echte leider tonen. Zij noemen in hun schoolregels expliciet dat alle vormen van discriminatie tegen homo's, lesbiennes en transgenders niet getolereerd worden. Zij bespreken met de docenten erop te letten dat leerlingen elkaar niet uitschelden voor homo en onmiddellijk in te grijpen als dit wel gebeurt. Zij durven (in)tolerantie jegens homo's ook op een ouderavond of in een rede aan het begin van het schooljaar te noemen."

Homoseksualiteit is een privézaak. Daar hoeft op school geen aandacht voor te zijn.
"Het feit dat mensen verschillend zijn -ook in hun seksuele identiteit- is natuurlijk geen privézaak. Daar krijgt iedereen vroeg of laat mee te maken; ofwel doordat leerlingen ontdekken zelf 'anders' te zijn, ofwel doordat ze homo’s of lesbiennes ontmoeten. In beide gevallen ze leren zichzelf en anderen te accepteren en te respecteren.

Iedere leraar weet dat 'homo' het meest gebruikte scheldwoord onder leerlingen is en snapt dus ook dat je niet op school over tolerantie en veiligheid kunt praten, zonder expliciet dit schelden te benoemen. Er wel of niet aandacht aan geven is dus helemaal geen keuze, omdat de leerlingen dit door hun schelden al doen. De keuze is dus of je als school deze negatieve aandacht tolereert of hier verandering in wilt brengen."

De wet moet zodanig aangepast worden dat orthodoxe scholen homoseksuele docenten niet meer kunnen weigeren.
"Gelukkig mag je op geen enkele school leerlingen of docenten weigeren op basis van hun huidskleur of etnische achtergrond. Het is onbegrijpelijk dat bij homoseksualiteit de vrijheid van godsdienst opeens belangrijker zou zijn. Toen de zogenaamde 'enkele feit-constructie' die dit mogelijk maakt indertijd werd ingevoerd, is het nooit de bedoeling geweest dat een homodocent hierdoor ontslagen mocht worden op het moment dat hij een relatie aanging met een man.

Vaak wordt gesteld dat we ons hier niet druk over hoeven te maken omdat homo's toch niet op reformatorische scholen willen werken. Het bestaan van reformatische homobelangenorganisaties als Refo Anders en Contrario maakt duidelijk dat ook in deze kringen homo's voorkomen. Als mensen met een reformatorische achtergrond ervoor kiezen om openlijk als homo binnen hun geloofsgemeenschap door het leven te gaan, is dit een extra moedige stap die niet door een enkele feit constructie afgestraft mag worden."

'Bewijsdrang belangrijke oorzaak geweld '

Claudia van Deudekom

Claudia van Deudekom

COC-voorlichter

Claudia van Deudekom is COC-voorlichter, bedenker van de film en de eerste meedenker in het debat op Human.nl over homoseksualiteit in het onderwijs. Zelfs op een nette vwo-school is het lastig om uit de kast te komen, stelt ze.

"Als je vraagt hoeveel jongeren op school er homoseksuele gevoelens hebben zijn dat er vaak nul of een of twee." Terwijl 7 tot 10 procent van de bevolking homoseksueel is en er dus op een school al gauw vijftig homoseksuele leerlingen zouden moeten zijn. "Ook op vwo-scholen heerst dus een klimaat waarbij alleen jongeren die stevig in hun schoenen staan voor hun geaardheid uit durven komen."

Sommige jongeren komen in de film met uitspraken als 'ik maak je dood' en 'homoseksualiteit is een ziekte'. Hoe komt het dat homoseksualiteit zulke heftige reacties oproept?
"Met name voor jongens kan homoseksualiteit heel bedreigend zijn voor hun eigen seksualiteit. Als de jongen naast me homo is, denken mijn vrienden misschien dat ik ook homo ben en dat vinden ze heel bedreigend. Jongens moeten zich bewijzen als mannelijk en hetero, en homoseksualiteit wordt gezien als vrouwelijk. Die bewijsdrang is ook een belangrijke oorzaak van geweld tegen homo's."

Wat voor rol spelen het geloof en de puberteit daarbij?
"Er zijn kinderen die vanuit hun geloof moeite hebben met homoseksualiteit. Zij zijn meestal niet degenen die agressief reageren omdat ze vanuit hun geloof meekrijgen respectvol te zijn naar anderen. Jongeren uit een andere cultuur en met een ander geloof vinden het vaak prima dat ik lesbisch ben, maar als het gaat om iemand met dezelfde culturele achtergrond is het een probleem.

De puberteit zorgt ervoor dat leerlingen seksualiteit verleidelijk en bere-interessant vinden, maar aan de andere kant vinden ze het ook heel eng. Ze zijn ontzettend gevoelig voor wat de groep vindt en flappen en van alles uit, waarbij ze ongenuanceerd zijn en zichzelf soms tegenspreken. Daarom zouden wij graag voorlichting geven aan basisschoolkinderen. Dan hangen die hormonen nog niet in de lucht en zijn ze minder vatbaar voor elkaars opvattingen. Burgemeester Van der Laan van Amsterdam stelde dat afgelopen zomer ook voor."

Ouders spelen volgens PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch een belangrijke rol bij homovoorlichting. Als zij hun kind een basis voor intolerantie meegeven, wordt de drempel tot geweld lager.
"Ouders zijn een belangrijk rolmodel voor kinderen. Je hoort vaak tijdens voorlichtingsbijeenkomsten dat ze hun ouders een-op-een napraten. Scholen kunnen hierbij een rol spelen door bij ouderavonden de regels tegen discriminatie van homo’s aan te geven.

Op het gebied van discriminatie hebben homo’s en allochtonen meer met elkaar gemeen dan gedacht. Ze weten hoe het is om op basis van geloof, huidskleur of geaardheid uitgesloten te zijn en rare vragen te krijgen. Als je homoseksualiteit breder trekt naar discriminatie dan heeft het effect en begrijpen kinderen dat het niet kan."

Sommige leerlingen durven zich in de film niet uit te spreken over homoseksualiteit omdat ze zich onveilig voelen op school en bang zijn voor andere leerlingen. Schooldirecteuren kunnen hier wat aan doen en hebben de touwtjes in handen voor een veilig, homovriendelijk klimaat.
"Homoseksuele docenten en jongeren hebben recht op een veilige schoolomgeving. Het bestuur en de directie zijn daarvoor verantwoordelijk. Zij zetten homoseksualiteit vaak weg als iets exotisch wat hen niet raakt. Als je vanuit heteroseksueel perspectief denkt, hoef je het probleem niet te zien en dan hoef je er niks mee.

Daardoor zijn er scholen waar het COC niet mag komen omdat het niet past bij de geloofsovertuiging, omdat het lesprogramma vol zit of omdat het bij hen op school niet speelt. Maar op elke school worstelen leerlingen met homoseksualiteit. Onder die leerlingen zie je meer schooluitval en een hoger percentage leerlingen dat aan zelfmoord denkt. Ook zijn scholen soms bang dat leerlingen wegblijven omdat er aandacht is voor homoseksualiteit, zoals in de film te zien is. Terwijl lang niet elke allochtone ouder moeite met homoseksualiteit heeft. De angst regeert soms."

Homoseksualiteit is een privézaak. Daar hoeft op school geen aandacht voor te zijn.
"Homoseksualiteit is geen privézaak. Scholen hebben de maatschappelijke verantwoordelijkheid homoseksuele leerlingen een plek in de maatschappij te geven en docenten de mogelijkheid te bieden zichzelf te zijn."

De wet moet zodanig aangepast worden dat orthodoxe scholen homoseksuele docenten niet meer kunnen weigeren.
"Reformatorische scholen zeggen misschien dat homoseksualiteit niet binnen hun geloofsbeleving past, maar wie zegt er dat je niet en gelovig en homoseksueel kunt zijn. Daarnaast zou je vanuit een geloof juist begrip voor een ander moeten hebben.

Ik ben benieuwd hoe het kabinet omgaat met de motie om de ‘enkele feit constructie’ uit de wet te schrappen. (Volgens twee artikelen uit de Wet gelijke behandeling mogen scholen in het bijzonder onderwijs homoseksuele leerlingen en docenten van school sturen. Niet op grond van het ‘enkele feit’ dat ze homo zijn, maar wel omdat ze dit praktiseren. red.) De ChristenUnie zit weliswaar niet meer in het kabinet, maar bij het CDA ligt het misschien ook gevoelig. Los van de uitkomst is het belangrijk dat het debat bestaat. De discussie dwingt scholen in orthodoxe hoek een standpunt in te nemen. Ze kunnen het onderwerp niet meer negeren."